Fleet Foxes brengt vandaag verrassingsalbum uit: ‘Deze magie had ik nog nooit meegemaakt’

Fleet Foxes brengt vandaag verrassingsalbum uit: ‘Deze magie had ik nog nooit meegemaakt’

Translating…

Hij wist het even niet meer. Drie maanden had Robin Pecknold (34) zich opgesloten in zijn appartement, in New York, schuilend voor de pandemie. In zijn kast lag een harde schijf met daarop de muziek voor het vierde album van zijn band Fleet Foxes. Zeven maanden had hij er keihard aan gewerkt. Hij was er zowel voor naar het platteland van Portugal als naar hartje Parijs getrokken. De vijftien nummers klonken opgewekter en soulvoller dan de meerstemmige, melancholieke kampvuurhymnes waarmee de indiefolkband in 2006 vanuit het niets was doorgebroken.

Alleen: er miste nog iets. Teksten. „Alles wat ik had, was slecht”, zegt Pecknold aan de telefoon vanuit New York. En wat hij ook probeerde, het werd niet beter.

Hij moest ontsnappen, stapte in zijn auto, en begon te rijden. Het maakte niet uit waarheen.Quarantaine drives, noemt hij ze nu, die talloze ritten op weg naar nergens. Of beter: op zoek naar de goede regels. „Wat was begonnen met een wereldreis, eindigde opgesloten in een auto. In vier weken heb ik zesduizend mijl [bijna tienduizend kilometer] afgelegd, wat ongeveer neerkomt op het hele land doorrijden.”

Willekeurig gebrabbel

Maar het hielp. „Onderweg luisterde ik naar de demo’s en begon te zingen wat in me opkwam. Gewoongibberish, willekeurig gebrabbel. En op een of andere vreemde manier viel alles op zijn plek. Er zaten echt eurekadagen tussen waarop complete teksten tot me kwamen: alsof ik alles voor me zag gebeuren, in plaats van het zelf te verzinnen. Dan wist ik meteen: dit is ’m, niets meer aan doen.” Vervolgens trapte hij op de rem om aan de kant van de weg of bij een benzinestation de woorden in zijn opschrijfboekje te krabbelen. „Die magie, dat had ik nog nooit meegemaakt.”

Al kwam er behalve magie ook wat bijgeloof bij kijken. „Ik moet eerlijk bekennen: ik heb mijn auto, een Toyota 4-Runner, gekocht vanwege het cijfer in de naam – omdat dit het vierde album werd.”

Dinsdag kwam die plaat,Shore, plotseling uit, om 15:31 uur Nederlandse tijd. Dat is het exacte tijdstip van de zogeheten equinox: het moment dat de zon recht boven de evenaar staat en de meteorologische herfst begint. „Ik wilde altijd al eens een verrassingsalbum uitbrengen, en als er één moment was om het te doen, was het nu. Het is zo’n onzekere tijd. Niemand weet wat er staat te gebeuren. Van de equinox weet je dat tenminste wel – ook al hebben we er geen enkele invloed op.”

Vroeger wist ik zeker dat muziek het belangrijkste was. Maar in de huidige waanzin kan ik dat niet meer volhouden

Is muziek het belangrijkste?

De crisis heeft zijn houding veranderd, geeft Pecknold toe. „Vroeger wist ik zeker dat muziek het belangrijkste op aarde was. Maar in de huidige waanzin – virus, racisme, klimaatverandering, de aankomende verkiezingen in de VS – kan ik dat niet meer volhouden. Muziek is nu op een andere manier van belang. Je kunt je stemming ermee versterken of veranderen. Als je Elliott Smith opzet omdat je slecht in je vel zit, wil je dat hij dat gevoel naar je terug zingt. Maar je kunt ook Curtis Mayfield of Stevie Wonder draaien om je juist beter te voelen. Met deze plaat wil dat laatste doen: helende muziek maken.”

Daarom dompelde hij zich bewust onder in ‘warme liedjes’ van Sam Cooke, Otis Redding, Marvin Gaye en Nina Simone. „I’m gonna swim for a week in Warm American Water with dear friends”, zingt hij in het eerbetoon ‘Sunblind’, waarin hij overleden muzikale helden expliciet toezingt. Maar ook op de rest vanShore„klinken ze spiritueel door”, zegt hij. „Het is een manier om ze levend te houden en de dood te slim af te zijn.”

Er doet ook een levende legende mee op het album, zij het in gesampelde vorm: Brian Wilson. Aan het begin van ‘Cradling Mother, Cradling Woman’, telt de opper-Beach Boy af en zegt: „Laten we nu de volgende stem opnemen.” Pecknold: „Dat komt uit een film over de opnames vanPet Sounds. Dat fragment betekent heel veel voor mij als puber, omdat ik voor de eerste keer zag hoe hij in de studio alle zanglijnen over elkaar legde. Ik kende toen de surfhits al, maarPet Soundsheeft mijn leven voorgoed veranderd.” Dankzij die plaat echoën de veelstemmige harmonieën van de Beach Boys door in Fleet Foxes, bekent hij.

Het voelt vreemd, maar eigenlijk heeft de pandemie de plaat gered. En misschien geldt dat ook wel voor hemzelf. „In februari leek de wereld nog zo hoopvol, maar stiekem had ik toen moeite om het tempo bij te houden. In een poging het album af te maken had ik veel te veel hooi op mijn vork genomen. Dat was zo stressvol dat ik er bijna aan onderdoor was gegaan. Dat veranderde op slag. Opeens hoefde ik me niet meer zorgen te maken om mezelf of de muziek, maar om de wereld.”

Shoreis nu uit op ANTI-records.

Een versie van dit artikel verscheen ook in nrc.next van 23 september 2020

Lees Verder

Wil je meer conversie? Zet gamification in

Wil je meer conversie? Zet gamification in

Translating…

Gamification wordt inmiddels volop ingezet binnen de wetenschap, educatie én in de marketing. Logisch, het is een sterk motiverend instrument dat zorgt voor hogere conversies en meer engagement! In dit artikel bespreek ik enkele veelgebruikte gamification-principes uit de game-industrie. Ze kunnen worden toegepast voor activerende vormen van marketing zoals online activatie.

Verhalen

Je hebt vast wel eens een serie gevolgd waarbij je maar verder blijft kijken omdat je wilt weten hoe het verhaal afloopt. Voor je het weet ben je de hele nacht aan het bingewatchen. Een sterke verhaallijn kan verslavend werken en je even uit je dagelijkse sleur halen. Verhaallijnen worden ook gebruikt in de game-industrie. Denk aan Super Mario die de prinses moet redden uit de handen van Bowser of Grant Theft Auto, waarbij je missies moet uitvoeren voor diverse opdrachtgevers. Het geeft de speler een doel om verder te gaan met spel.

Elke ‘cliffhanger’ creëert het verlangen om meer te zien en verder te gaan

Een online activatie met een sterke verhaallijn stimuleert de deelnemer om informatie te geven die buiten de context van het verhaal nooit zou worden gegeven. Elke stap of ‘cliffhanger’ creëert het verlangen om meer te zien en verder te gaan. Bij elke stap geeft de deelnemer onbewust steeds meer gegevens af en voelt dat voelt voor hem/haar nog logisch ook.

Motiveren van mensen

Doel van gamification is het motiveren van mensen en beloning is hiervoor een krachtig middel. Er zijn verschillende beloningsprincipes. Zo kun je deelnemers na een bepaalde handeling direct een beloning geven om ze zo te stimuleren door te gaan. Bijvoorbeeld wanneer ze een vraag hebben beantwoord of een taak afgerond. De beloning kan met punten, maar ook door het geven van steeds relevantere content.

Er zijn ook beloningen die pas gegeven worden zodra een bepaald doel is bereikt, zoals het afronden van de game of invullen van een formulier. Deze beloning is vaak gekoppeld aan een fysieke prijs of high score waaraan status kan worden verleend.

We zien deze opdeling in beloning goed terug bij loyalty-programma’s zoals Air Miles of ING Punten. Je kunt punten sparen (kortetermijnbeloning) door de gewenste handelingen te verrichten (producten kopen of transacties uitvoeren). Bij voldoende punten kun je ze weer inwisselen voor een cadeau (langetermijnbeloning).

Verzamelen

Mensen zijn van nature jagers en verzamelaars. Dat zit ingebakken in ons DNA en daarom werkt het verzamelen als motivator erg goed. Een bekend voorbeeld van dit principe is Pokémon Go. Via dit spel zie je kinderen, maar ook volwassen mannen en vrouwen, op de meest vreemde plekken Pokémons vangen met hun mobieltje.

Mensen zijn van nature jagers en verzamelaars, dat zie je terug bij Pokémon Go

Door deelnemers iets te geven om te verzamelen, geef je ze de mogelijkheid om hun eigen doelen te creëren. Verzamelen geeft een gevoel van bekwaamheid bij het bereiken van een doel. Ook kan de verzameling onderdeel worden van een sociaal proces. Zoals het delen en vergelijken van de verzameling (badges, punten of prijzen) met anderen.

Bij online activatie kun je dit gebruiken door verschillende activaties aan elkaar te koppelen. Met behalen van bepaalde doelen, krijgt de deelnemer beloningen die weer zichtbaar zijn in een ‘hall of fame’. Deze hall of fame is voor iedereen zichtbaar en levert de deelnemer een doel en status.

Voortgang

Je kent die enquêtes vast wel, waarbij er vijf minuten van je tijd wordt gevraagd om ‘enkele’ vragen te beantwoorden. Vervolgens ben je tien minuten verder zonder uitzicht op een verlossend eind. De conversie van dergelijke enquêtes zijn dramatisch laag. Mensen willen namelijk vooraf graag weten hoe lang een bepaald proces duurt en of de handelingen die gedaan worden ze dichter bij het gewenste doel brengt. Door het proces op te delen in stappen, doelen of tijd wordt het proces inzichtelijk.

Door visuele indicatoren zoals levels of een tijdslijn te geven, zien deelnemers wat en hoeveel ze moeten doen voordat ze klaar zijn. Als deelnemers voortgang zien, zijn ze gemotiveerder om door te gaan.

Onvoorspelbaarheid

Heb je ooit een hele dag lang dezelfde aflevering gekeken van je favoriete serie? De meeste zullen na de derde keer wel afhaken vanwege de vermoeiende voorspelbaarheid. Als een spel bij elke stap hetzelfde blijft, zullen deelnemers zich uiteindelijk ook gaan vervelen.

Begin daarom eenvoudig om startende deelnemers te laten wennen aan de speelervaring. Bouw vaardigheden op door het spel stap voor stap complexer te laten worden. Dit kan door het toevoegen van nieuwe regels, maar ook door tijdsdruk toe te voegen via een timer. Door steeds weer wisselende content te tonen wordt de online activatie onvoorspelbaar, wat zorgt voor extra uitdaging en re-engagement.

Speelervaring

Vergelijk Super Mario op de NES uit 1985 maar eens met de huidige Super Mario. De graphics van veel spellen zijn in de loop van de jaren flink veranderd en steeds realistischer geworden. Toch spelen mijn kinderen en ik met veel plezier de versie van 1985.

Als speelervaring geen ‘fun factor’ brengt, haken mensen af

De speelervaring is een niet te onderschatten factor in de beleving van een spel. Als de speelervaring geen ‘fun factor’ brengt in het spel, haken mensen af. Ook al zijn de graphics nog zo mooi, de gameplay is vele malen belangrijker.

Bedenk daarom altijd welke speelervaring een online activatie biedt voor de deelnemer en de doelgroep waartoe hij/zij behoort:

  • is de verhaallijn relevant genoeg
  • duurt het spel niet te lang
  • is het spel niet te moeilijk
  • bevat het spel genoeg beloningen
  • bevat het spel humor, enzovoorts

Duik in de huid van jouw doelgroep en doorloop op deze manier de online activatie.

Enorme lift

Een online activatie die een goede verhaallijn, beloningsstructuur en speelervaring bevat, kan de engagement en conversie een enorme lift geven. Daarom loont het voor de marketeer om bij elke online activatie de bovenstaande gamification-principes toe te passen.

Lees Verder

Doodsbedreiging is voor Haagse politici grimmige routine geworden

Doodsbedreiging is voor Haagse politici grimmige routine geworden

Translating…

Een fors gebouwde man van 49 jaar zit voorovergeleund op zijn stoel. Met zijn handen masseert hij zijn slapen. Hij draagt een zwart jack en een oranje trui, een leesbril op het voorhoofd. Hij huilt, terwijl de officier van justitie het woord voert. „U moet eens heel goed gaan nadenken over wat u wel en niet kan zeggen”, zegt ze. „Als uw Facebook-post over mij zou gaan, dan zou ik de deur niet meer uit durven.”

Op 22 april 2019 las de man op de Facebookpagina van D66 een bericht over Rob Jetten. Onder het bericht stonden, zoals eigenlijk altijd, talloze beledigingen en scheldberichten aan het adres van de fractievoorzitter. Deze man schreef: „Ik sluit me ook aan bij het vuurpeloton om jullie af te schieten. Hetplastromskehedde al om.” Met ‘plastromske’ bedoelde de man Jettens das.

Een medewerker van Jetten deed aangifte van bedreiging en kort hierna kreeg de man de politie aan de deur. Nu moet hij voor de politierechter in Den Haag verschijnen. Geëmotioneerd: „Ik wil graag mijn excuses aanbieden aan de heer Jetten.”

De man had, zegt hij, geen politieke motieven om het Kamerlid te bedreigen. Hij is dyslectisch, zegt hij, en weet niet wat woorden precies betekenen. „En ik zit een beetje in een dip.” Het gaat niet goed met zijn autoschadebedrijfje, in de achtertuin van zijn schoonouders. Als de rechter hem aanspreekt op de impact van de bedreiging, zegt hij: „Weet u: de druk is zo hoog. Er is soms weinig werk. Ik moet altijd alleen het hoofd boven water houden.”

De rechter: „Zoiets komt hard aan, hoor. Dit is echt een stevige bedreiging. Begrijpt u dat?” De man: „Ja, ja. Het was een stomme fout.”

De rechter geeft de man een boete van 500 euro, waarvan de helft voorwaardelijk. Begrijpt de bedreiger wat dat betekent? Hij knikt. „Ik schrijf maar helemaal niks meer op Facebook.”

Auto klemgereden

Natuurlijk ziet Rob Jetten reacties onder zijn Instagram- of Twitterberichten. Het zijn er meestal honderden. In mei plaatste Jetteneen filmpjewaarin hij homofobe en bedreigende berichten aan zijn adres voorlas, zoals: „Ik denk dat we Jetten zijn privéadres maar bekend moeten maken. Slaan ze 2 vliegen in één klap. Een ongelovige hond en een homo ineen… Maar ja, het is maar een gedachte.”

Bedreigingen maken Jetten „onrustig”, zegt hij. „Ik maak me weleens zorgen over collega’s, familieleden, of medewerkers. Dat drukt zwaarder op me.” De auto van Jetten werd in januari klemgereden en bestickerd door boeren, toen hij in een theater in Twente kwam spreken over klimaatbeleid. De sfeer was dreigend, zegt Jetten, zeker voor een medewerker die alleen in de auto zat en omsingeld was. Pas na bemiddeling van omstanders mocht de auto gaan.

Met online haat en geschreeuw op straat kan Jetten meestal omgaan, zegt hij. Lastiger vond hij een serie getypte brieven die hij maandenlang ontving van dezelfde afzender. De dreigende tekst was niet anders dan wat hij elders hoort, zegt hij, maar „de ouderwetse vorm” maakte indruk. „Iemand deed de moeite telkens brieven te schrijven en te posten. Dat kwam veel meer in mijn persoonlijke ruimte.”

Hij wil niet alles weten, zegt hij, „ook omdat ik bang ben dat ik dan op mijn woorden ga letten”. Medewerkers lezen alles wat binnenkomt: brieven, mails en berichten op sociale media. Zij doen aangifte.

Bedreigingen zijn niet nieuw in de landelijke politiek. Na de moord op Pim Fortuyn in 2002, zelf zwaar bedreigd, ontvingen politici kogelbrieven en dreigberichten. Geert Wilders (PVV) wordt al zestien jaar zwaar beveiligd. Maar in omvang en ernst is de laatste jaren een sterke toename te zien. In 2018, het laatste jaar waarover betrouwbare cijfers beschikbaar zijn, kreeg het Team Bedreigde Politici van het Openbaar Ministerie in Den Haag 620 meldingen binnen, bijna een verdubbeling ten opzichte van het jaar ervoor. Van die meldingen waren volgens het OM 362 gevallen strafbaar.

Fractievoorzitters en andere Kamerleden wijzen, soms anoniem, ook naar de sfeer rondom het Binnenhof, bijvoorbeeld bij demonstraties. Die is grimmiger geworden. Sommige politici praten er liever niet openlijk over, omdat ze bang zijn dat aandacht het probleem verergert. Bedreigingen komen niet alleen op papier of online voor, politici worden ook fysiek lastiggevallen. Maandagavond werd een partijbijeenkomst van Forum voor Democratie in Arnhem stilgelegd om een „mogelijk bedreigende situatie”. Thierry Baudet en Theo Hiddema moesten de zaal snel verlaten. Een paar weken geleden werd Tweede Kamerlid Pieter Omtzigt (CDA)bedreigdtoen hij bij het Kamergebouw op straat liep. Dat gebeurde tijdens een demonstratie van aanhangers van de groep Viruswaarheid. Vorige week is een verdachte aangehouden. Politici noemen ook recente boerendemonstraties in Den Haag, waar openlijk dreigende teksten en afbeeldingen werden gebruikt.

Radicalisering

Rond Oud en Nieuw werd GroenLinks-leider Jesse Klaver gewezen opeen filmpjeop sociale media. Daarin is een jongen te zien die met carbid schiet op een afbeelding van Klaver. Een paar maanden eerder reed in een boerenprotest een zwarte pickup-truck mee, waarop een grafkist met de naam ‘Jesse’ lag. Vlak voor het Kerstreces bezetten boeren met tientallen tractors het Binnenhof. De sfeer was zo dreigend, dat Klaver alleen onder politiebegeleiding het gebouw binnenkwam. Klaver: „Ik ben niet bang aangelegd, maar dit was ontzettend beangstigend.” Volgens Klaver is „het maatschappelijke klimaat verhard”. „Online kwam dit al langer voor. Maar het normale gesprek op straat, essentieel voor een politicus, wordt steeds moeilijker. Dat baart me zorgen.” De maker van de doodskist legde zijn actie later uit als grap. Klaver: „Maar het normaliseert het spotten met geweld. Voor het eerst dacht ik: er is echt iets veranderd in Nederland. Als je op straat fietst, hoor je soms termen als ‘landverrader’. Dat had ik nog nooit meegemaakt.”

Wie zijn deze bedreigers? Tien jaar geleden publiceerde de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NCTb) een onderzoek, onder meer geschreven door Hans Boutellier, bijzonder hoogleraar polarisatie en veerkracht aan de Vrije Universiteit. Het onderzoek maakt onderscheid tussen verschillende dadertypes: straattaaldreigers, verwarde dreigers, gefrustreerden, en combinaties daarvan. Bijna de helft (43 procent) is ‘verward’ of ‘verward-gefrustreerd’. Die laatste groep lijdt onder stress of een trauma, en gaat dreigen na frustratie over een maatschappelijk probleem.

Inmiddels, zegt Boutellier nu, is het proces van radicalisering versneld. Dat werkt een toename van bedreigingen in de hand. Als oorzaak wijst hij naar de politieke en bestuurlijke cultuur. „Nederland is na de ontzuiling een ‘pragmacratie’ geworden. Ofwel: een pragmatisch gestuurde samenleving waar efficiëntie en effectiviteit tellen, en emotie en ideologie veel minder. Het is voor burgers lastig daar kritiek op te geven. Dat roept radicaliteit op. Om er overheen te komen of om te reageren liggen extreme posities voor de hand, dat is de enige manier om met een tegenverhaal te komen.”

Maatschappelijke verhitting

Protestbewegingen richtten zich in de naoorlogse decennia vooral tegen beleidskeuzes, zegt Boutellier. Nu richt het zich tegen groepen of personen. „Er ontstaat riskant vijandschap, in de hitte van de coronacrisis lijkt dat een groter risico te worden. Viruswaarheid richt zich niet primair tegen beleid, maar tegen de elite. Hun ideeën krijgen vorm door zich te richten tegen andere mensen.” Het is voor individuele politici moeilijk te ontkomen aan deze maatschappelijke verhitting, zegt Boutellier. „Als er nou één politicus zijn best doet om niet de kille pragmaticus te zijn, dan is het Pieter Omtzigt. En uitgerekend hij werd op straat bedreigd.”

Lees ook dit interview met Hans Boutellier:‘Ik voel de plicht om optimistisch te zijn’

De bedreiger van Omtzigt moet zich innovembervoor de rechter verantwoorden. Maar vaak blijft het stil na aangiftes. Daar kan Geert Wilders, de meest bedreigde politicus van Nederland, over meepraten. Al zestien jaar is zijn bewegingsvrijheid minimaal. Zijn werkkamer in de Tweede Kamer is afgeschermd, hij woont al jaren in eensafehouse. „Bedreigingen tegen mij zijn steeds internationaler geworden en komen vrijwel altijd uit radicaal-islamitische hoek”, zegt hij. „In het begin waren het Nederlandse groepen of individuen die me iets wilden aandoen, tegenwoordig komen ook veel bedreigingen uit Pakistan, Iran of andere landen.”

Wilders doet „honderden keren per maand” aangifte. „Het gaat met dikke pakken tegelijk. Mijn kast ligt vol aangifteformulieren.” Als bedreigingen uit het buitenland komen, komt het zelden tot vervolging. „Daar kan het OM weinig mee, of ze vinden de bedreiging te weinig concreet.” Vorig jaar deed het OM een vergeefsrechtshulpverzoekbij de Pakistaanse autoriteiten om een Pakistaanse geestelijke te verhoren. Deze geestelijke, Khadim Hussain Rizvi, had opgeroepen tot protesten tegen een cartoonwedstrijd over de profeet Mohammed. Wilders had die na de bedreigingen afgeblazen.

Lees ook:Wat bezielt de coronademonstranten die politici belagen?

In augustus 2019 werd een 27-jarige man uit Pakistan aangehouden op Den Haag Centraal. Hij zou in een Facebook-filmpje een aanslag op Wilders hebben aangekondigd.De man kreeg een celstraf van tien jaar. Maar meestal, zegt Wilders, reageert de Nederlandse regering „labbekakkerig” op internationale bedreigingen. „Het is onbegrijpelijk dat landen niet worden aangesproken op de fatwa’s die daar worden uitgesproken. Er heerst doodse stilte. De sfeer rondom mij is dat we het allemaal wel weten. Alsof het erbij hoort, het nieuwe is eraf. Maar ik kan nog altijd niet naar de wc zonder dat er beveiligers voor de deur staan.”

Tunnelvisie

Beïnvloeden bedreigingen het gedrag van politici? Wilders: „Een columnist schreef eens: ‘Wilders zal wel een tunnelvisie hebben gekregen.’ Dat bestrijd ik. Ik heb ondanks alle beperkingen nog altijd gevoel voor wat er speelt, anders had ik hooguit één zetel gehad.” De cartoonwedstijd blies Wilders af. „De bedreigingen kregen zo’n omvang dat het mijn omgeving raakte.”

Klaver heeft zich op praktisch niveau aangepast. Hij meldt altijd pas laat wanneer hij op een openbare bijeenkomst aankomt. Maar, zegt hij: „Als mensen me aanspreken, maak ik daar tijd voor. Achter agressie en boosheid gaan vaak angst en onbegrip schuil, ook bij groepen als Viruswaarheid. Ik moet als politicus ervoor zorgen dat de kleine groep schreeuwers naar de flanken wordt gedreven, en met de rest moet ik in gesprek blijven gaan.”

Rob Jetten krijgt over een paar weken bezoek van een scholier, die na een bedreiging aan zijn adres een taakstraf kreeg. „De bedreiging was heel heftig. Later stuurde hij me een brief die me zo raakte dat ik hem heb uitgenodigd om een dagje mee te lopen. Zijn thuissituatie was complex, er speelde allerlei droevigs in zijn leven. Ik hoop dat zo’n vijftienjarige jongen er iets positiefs uithaalt.”

Een versie van dit artikel verscheen ook in NRC Handelsblad van 8 september 2020

Een versie van dit artikel verscheen ook in nrc.next van 8 september 2020

Lees Verder

Wil je leukere klanten? Stop persoonlijkheid in je kopie! (5x schoffel)

Wil je leukere klanten? Stop persoonlijkheid in je kopie! (5x schoffel)

Translating…

0 6 september 2020om 09:003 minuten lezen

Als je jezelf bent als ondernemer, trek je de doelgroep aan die van je houdt om wie je bent. En dus ga je zakendoen met leukere mensen. Naast goed gekozen kleuren en plaatjes zijn woorden krachtige middelen om je communicatie bomvol jouw unieke persoonlijkheid te pompen. En dan ga je ondernemen met een blije bakkes en een dikke middelvinger naar degenen die het niks vinden. Héérlijk! Om bovenstaande redenen ben ik helemaal pro ‘eigen stem’ en heb ik voor jou een paar simpele tips die jouw copy helemaal ‘jou’ maken.

1. Schrijf zoals je praat… tegen je beste vrienden.

De tip ‘schrijf zoals je praat’ heb je misschien wel eerder gehoord. De toevoeging ‘tegen je beste vrienden’ is hierbij wel supermegabelangrijk. Want ik weet niet hoe het met jou zit, maar ik praat niet tegen iedereen op dezelfde manier. Er is bijvoorbeeld een verschil als ik tegen de juf van mijn kind praat versus een vriendin op het terras. In dit geval (we gingen voor de leukste klanten) raad ik je de tweede manier aan.

Als je klanten wil die zó leuk zijn dat je er beste matties mee zou kunnen worden, moet je er ook zo tegen ‘praten’. Beeld je daarom in dat je (al drie wijntjes lang) op het terras zit met een heel goede vriend(in) als je achter het toetsenbord kruipt.

Vrienden lachen en praten samen.

2. Gebruik haakjes (om de lezer een kijkje achter de schermen te geven)

Als je zit te kletsen met je vrienden, en je werkt naar een punt toe in je verhaal, kom je wel eens een ‘zijstraatje’ tegen. Zoals in onderstaand voorbeeld.

‘Ik kwam Mieke tegen toen we gisteren onderweg waren naar Sliedrecht. (Heb trouwens een vette bank gezien bij Loods 5! Cognackleurig leer, oh, ik ben er helemaal verliefd op.) Maar toen zag ik dus dat Mieke een flinke deuk in de auto had. Wat bleek nou…’

Het stukje over de bank is zo’n tussenstukje dat weinig met het verhaal te maken heeft, maar wel met jou en je persoonlijke smaak. (En mensen die van cognackleurige banken van Loods 5 houden hebben stijl, dat is een feit.) Ook in je tekst kun je zo’n zijstraatje verwerken.

Zorg wel dat je niet te ver van je structuur afwijkt en verdwaalt. Je geeft de lezer éven een kijkje achter de schermen waarin je een stukje van jezelf (je bezigheden, smaak of mening) laat zien en dan ga je verder met het maken van je punt. Ga nu drie zinnen terug. Zie je wat ik daar deed?

3. Kies steeds het best passende synoniem

Veel woorden zijn te vervangen door verschillende synoniemen. Je kunt kiezen welke van de synoniemen het beste bij je past. Docent of leraar? Bank of sofa? Avondeten of diner? Kinderen of kids? (Zeker geen kids-zegger hier trouwens.)

Synoniemen.netis mijn beste vriend als ik teksten schrijf. Want je kunt zelfs kijken naar synoniemen van synoniemen. En ook al heb je een grote woordenschat, dan kom je toch woorden tegen waar je anders niet aan gedacht zou hebben, en die precíes de lading dekken en passen bij je eigentone of voice.

Man denkt na achter laptop.

4. Creatief met metaforen

Stel, je moet de USP’s van je product of dienst omschrijven. Een voorbeeld: jouw product is klein van formaat. Dan kun je schrijven: ‘Het is maar drie bij vier centimeter groot’. Of je gaat op zoek naar iets van hetzelfde formaat, gewicht, of iets waar het in past. Het voordeel daarvan is sowieso dat dit, omdat het een beeld oproept, beter blijft ‘plakken’ bij de lezer. En dat is sowieso de bedoeling van copywriting.

Oké, terug naar het toevoegen van persoonlijkheid. Een paar voorbeelden. Welke van deze opties past het best bij jou?

  • Het is half zo groot als een iPhone 11.
  • Zo klein, het past in het kleinste zakje van je spijkerbroek.
  • Je dwerghamster is nog groter dan dit ding.

5. Gebruik ‘echt iets voor mij’-omschrijvingen in je verhalen

Aah, de kracht vanstorytelling. Natuurlijk haal ik die er ook nog even bij. Want een goed verhaal pakt altijd de aandacht. Als Frankwatching-fan wist je dat vast al. Waar ik je nog even met de neus bovenop wil duwen (zachtjes hoor), is de kans om met verhalen nog meer persoonlijkheid toe te voegen aan je tekst. Hoe? Je doet dit met omschrijvingen van bijvoorbeeld situaties of omgevingen die typisch ‘jou’ zijn. Ze moeten dus iets over je zeggen. Hoe? Oké, wat altijd verhelderend werkt (bonustip!) zijn voorbeelden. Komen ze.

Ik kreeg laatst de schrik van mijn leven.

  • Ik was weer eens op koopjesjacht in de stad en…
  • Ik had me helemaal uitgeleefd bij kickboksen dus ik zag er niet uit. En ja hoor…
  • Tijdens mijn dagelijkse rit op Black Beauty zie ik vaak een man die…

Laatste alinea, dus even recappen

Dit waren mijn 5 tips waarmee jij jouw copy bomvol je eigen persoonlijkheid kunt pompen. Heel veel plezier, want het is leuk om te doen! Denk creatief met metaforen en voorbeelden, maar drijf niet te ver af en blijf bij jezelf. Want daar ging het nou net om.

Lees Verder

Ouders van tieners op NUjij: 'Leer kinderen de waarde van geld'

Ouders van tieners op NUjij: 'Leer kinderen de waarde van geld'

Translating…

Middelbare scholieren hebben tegenwoordig meer geld te besteden dan in 2016, maar vinden dat ze geld tekortkomen, blijkt uit onderzoek van hetNibud. Een belangrijke rol is hierin weggelegd voor ouders. Op ons reactieplatform NUjij vertellen zij hoe ze toezicht houden op het geld van hun kinderen en geven ze tips om verantwoord met geld om te gaan.

‘Wij nemen het salaris in’

NietJij: “Waar ik mijn tieners – 13 en 19 jaar oud – regelmatig voor op hun falie moet geven, zijn de dagelijkse bezoekjes aan de supermarkt om eten te halen in plaats van een boterham meenemen van huis. Je krijgt het er heel moeilijk in dat die kleine uitgaven bij elkaar in een maand al een heel grote uitgave worden. Vijf euro op een dag is na vijf dagen 25 euro en na vier weken 100 euro. Die twee kinderen van mij zijn echt niet de enigen die dit doen.”

“Budgetteren is echt niet de sterkste kant van deze generatie, terwijl mijn vrouw en ik onze zaken echt goed op orde hebben. Wij smijten zeker geen geld over de balk, al kunnen we dat wel met ons inkomen.”

“Met mijn oudste zijn we nu inmiddels al een jaar bezig om het in te dammen. Wij nemen zijn salaris in en hij krijgt wekelijks 30 euro waar hij het mee moet doen. Tijdens de vakantie had hij daardoor ineens 300 euro tot zijn beschikking waar hij heel blij mee was. Ik hoop dat daarmee nu het kwartje is gevallen.”

Bekijk de originele reactie en discussie daarover op NUjij

Zelfde opvoeding, andere karakters

Nurse55: “Ik heb twee kinderen van 18 en 20 jaar oud. Twee dames. De een is altijd spaarzaam geweest, heeft er altijd bij gewerkt en zeurt nooit over geld of tekortkomen. Ze studeert aan de universiteit, heeft een relatief goedkoop Android-toestel en koopt betaalbare kleren.”

“De ander is daarentegen veel later begonnen met erbij te werken en studeert nu op hbo-niveau. Ze wil graag de nieuwste iPhone hebben en een Apple MacBook Pro in plaats van een normale laptop. Daarnaast draagt ze het liefst merkkleding, maar klaagt ze wel constant dat ze een tekort aan geld heeft.”

“Volgens mij hebben ze toch echt ongeveer dezelfde opvoeding gehad. Het hangt er dus ook maar van af van wat voor vrienden ze hebben bijvoorbeeld. Ze krijgen allebei van ons hetzelfde. Hun collegegeld betalen wij en ze wonen beiden nog thuis. Ze hebben dus (nog) geen studielening. En toch zijn er zulke verschillen.”

Bekijk de originele reactie en discussie daarover op NUjij

‘Kreeg hulp van mijn zoon als bijstandsmoeder’

MarjolijnDehue: “Twintig jaar geleden was mijn zoon een tiener en ik bijstandsmoeder. Hij heeft vanaf zijn veertiende als vakkenvuller in een supermarkt gewerkt en op zijn zeventiende is hij in het kader van bbl gaan werken bij een transportbedrijf. Daar kreeg hij een aardig salaris.”

“Hij ging op dat moment ook bijdragen in de kosten: de helft van zijn salaris werd gestort op een bankrekening waarvoor ik gemachtigd was, want hij was minderjarig. Toen heb ik nooit gemerkt dat hij geld tekortkwam. Er kwamen zelfs mensen bij hem om te lenen.”

“Op zijn twintigste zat hij bij de notaris om met hulp van oma en opa zijn eerste huis te kopen. Onlangs vond hij het erg moeilijk om een deel van zijn nieuwe auto te financieren, want hij wil geen schulden.”

Bekijk de originele reactie en discussie daarover op NUjij

‘Kinderen waarde van geld leren’

Zucht_is_opgelucht: “Het heeft grotendeels met opvoeding te maken. Wij leren onze kinderen – 11 en 8 jaar – de waarde van geld. Willen ze iets duurs of nieuws, dan moeten ze sparen of zullen ze huishoudelijke klusjes moeten doen voor een vergoeding of verjaardagsgeld opzijzetten.”

“Verder gaan we niet twee à drie keer per jaar op vakantie, maar eens in de twee jaar. Daarnaast schaffen we niet de duurste telefoons of andere prullaria aan. Als kinderen een goed voorbeeld krijgen, zullen ze dit ook eerder volgen.”

“Uiteraard weet ik wel dat wanneer ze puber zijn, een hoop voorbeelden van hun ouders tegendraads werken. Maar dan nog hebben we een basis gelegd waar zij (en wij) alleen maar profijt van kunnen gaan hebben.”

Bekijk de originele reactie en discussie daarover op NUjij

Lees Verder

Tesla brengt two-factorauthenticatie binnenkort uit voor autoapplicati

Tesla brengt two-factorauthenticatie binnenkort uit voor autoapplicati

Translating…

Tweakers logo

Tweakers maakt gebruik van cookies

Tweakers is onderdeel van DPG Media. Onze sites en apps gebruiken cookies, JavaScript en vergelijkbare technologie onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren, en deze informatie toevoegen aan bezoekersprofielen.

Cookies kunnen worden gebruikt om op Tweakers advertenties te tonen en artikelen aan te bevelen die aansluiten bij uw interesses. Ook derden kunnen uw internetgedrag volgen, zoals bijvoorbeeld het geval is bij embedded video’s van YouTube.

Cookies kunnen ook worden gebruikt om op sites van derden relevante advertenties te tonen. Meer informatie hierover vindt u optweakers.net/cookies.

Om pagina’s op Tweakers te kunnen bekijken, moet u de cookies accepteren door op ‘Ja, ik accepteer cookies’ te klikken.

Klikhierom in te loggen.

Lees Verder

Springruiter Maikel van der Vleuten: ‘Het geeft lucht als ik een ton verdien’

Springruiter Maikel van der Vleuten: ‘Het geeft lucht als ik een ton verdien’

Translating…

In juni twee overwinningen in Saint-Tropez, in juli een in Lier en afgelopen weekend een in Aken. Als iemand sportief niet geleden heeft onder de coronacrisis, is het Maikel van der Vleuten. Na een verplichte pauze van drie maanden rijgt de 32-jarige springruiter de successen aaneen. Hij staat twaalfde op de wereldranglijst – de hoogst genoteerde Nederlander.

Heb je jezelf verrast?

„Niet echt. In de maanden dat ik niet reed, heb ik mijn paarden in topconditie gehouden. Nu eens trainden we in de buitenbak, dan weer in de galoppeerbak of de bossen. Ik bouwde elke week een parcours, waar de paarden gericht konden springen. Niet te moeilijk, maar wel uitdagend genoeg om ze bij de les te houden. Want dat is het risico hè, dat ze lui worden en motivatie verliezen.”

Zelf neem je zelden vrij. Je vader denkt dat die gedwongen pauze goed voor je was. ‘Maikel kwam aan andere dingen toe’, zei hij.

„Ik reis heel veel. Zeker driekwart van het jaar ben ik onderweg. Nu had ik opeens veel meer tijd voor mijn vriendin en Liza, mijn dochter van tweeënhalf. We zijn naar de dierentuin en een paar pretparken geweest. Ik heb geklust en getuinierd. Zeker die eerste weken van de coronacrisis heb ik me geen minuut verveeld. Daarna begon het een beetje te kriebelen.”

Je inkomen bestaat voor een deel uit prijzengeld en een deel uit handel. Voelde je druk om na de coronastop geldprijzen te winnen om de tegenvallende handel te compenseren?

„Met mijn vader [springruiter Eric van der Vleuten] en broer heb ik 46 stallen met zo’n veertig paarden, van alle leeftijden en niveaus. Mijn vader houdt zich vooral met de handel bezig. Aan mij de taak prijzengeld te winnen. Het geeft lucht als ik, zoals de afgelopen maanden, een ton verdien bij vier concoursen.”

Je vader en jij hebben niet alleen samen een bedrijf, hij is ook je coach. Heb je overwogen een andere coach te nemen om je carrière een nieuwe impuls te geven?

„Ik ben al jong begonnen in het familiebedrijf, nog toen ik op school zat. Als je je goed ontwikkelt, begin je niet zo snel aan iets nieuws. Wat niet wil zeggen dat mijn vader de enige is van wie ik dingen opsteek. Ik leer ook veel van hoe andere ruiters zaken aanpakken. Ik houd mijn ogen niet in mijn zak.”

Gevraagd naar een typering van jou zei je vader: ‘Maikel is gruwelijk fanatiek. Dat is zijn sterkste punt.’

„Oh ja, zei hij dat?”

Herken je je daarin?

„Dat fanatisme heb ik van hem én mijn moeder. Ze hebben me vroeger nooit uit bed hoeven trekken, hahaha.”

Ik betwijfel sterk of de Olympische Spelen volgend jaar doorgaan

De coronacrisis mag zijn prestaties dan niet negatief hebben beïnvloed, gek was het natuurlijk wel, zegt Van der Vleuten, om te rijden in een lege of schaars gevulde piste. Sinds de Olympische Spelen van 2012 in Londen, waar hij met de Nederlandse equipe zilver won, heeft Van der Vleuten een schare trouwe fans, die hem wekelijks post stuurt. „Die miste ik natuurlijk wel”, zegt hij, „al heb ik geen publiek nodig om goed te presteren. Mijndrivehaal ik ook uit de concurrentie met andere ruiters. Dan zweep je elkaar op.”

Was je teleurgesteld dat de Olympische Spelen niet doorgingen?

Hij zucht. „Ik had een routeplan uitgestippeld: acht concoursen in de maanden voor Tokio. Maar naarmate het virus zich verder verspreidde, vielen steeds meer wedstrijden af. Ik hoop dat de Spelen volgend jaar doorgaan, maar ik betwijfel sterk of het ervan komt. Mijn gevoel zegt dat we het virus voorlopig niet onder controle krijgen. En je kunt geen evenement organiseren waar mensen uit de hele wereld samenkomen, dat levert te veel risico’s op.”

Het houdt je niet erg bezig?

„Mijn doel is nu om de paarden in vorm te houden en het nodige te verdienen. Drie maanden voor de Spelen zie ik dan wel verder. Tokio zit in mijn achterhoofd, meer niet.”

Als ruiter reis je de hele wereld over. Is dat tijdens deze crisis niet riskant?

„Die risico’s probeer ik zo veel mogelijk te beperken. Bijvoorbeeld door met groepjes ruiters naar concoursen te vliegen in een privé-vliegtuig, zoals laatst met Marc Houtzager en een paar Belgische collega’s. Als je met een groep van tien zo’n vliegtuig huurt, zijn de kosten niet overdreven hoog. Zo mijd je drukke vliegvelden en heb je een directe verbinding. De paarden gaan dan met de vrachtwagen en mijn vader neemt de auto. Ik ben tijdens de coronacrisis maar één keer op een groot vliegveld geweest.”

De komende dagen is Van der Vleuten thuis in Someren met zijn toppaarden Dana Blue en Beauville Z aan het werk. Daarna rijdt hij naar Valkenswaard, voor het hoog gedoteerde springconcours van de Global Champions Tour. En daarna naar Saint-Tropez, voor nóg zo’n lucratief evenement. Want zoals hij zei: de schoorsteen moet wel roken.

Een versie van dit artikel verscheen ook in NRC Handelsblad van 9 september 2020

Een versie van dit artikel verscheen ook in nrc.next van 9 september 2020

Lees Verder

Community-interview – De drum'n'bass van kaos001

Community-interview – De drum'n'bass van kaos001

Translating…

Tweakers logo

Tweakers maakt gebruik van cookies

Tweakers is onderdeel van DPG Media. Onze sites en apps gebruiken cookies, JavaScript en vergelijkbare technologie onder andere om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we hierdoor het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren, en deze informatie toevoegen aan bezoekersprofielen.

Cookies kunnen worden gebruikt om op Tweakers advertenties te tonen en artikelen aan te bevelen die aansluiten bij uw interesses. Ook derden kunnen uw internetgedrag volgen, zoals bijvoorbeeld het geval is bij embedded video’s van YouTube.

Cookies kunnen ook worden gebruikt om op sites van derden relevante advertenties te tonen. Meer informatie hierover vindt u optweakers.net/cookies.

Om pagina’s op Tweakers te kunnen bekijken, moet u de cookies accepteren door op ‘Ja, ik accepteer cookies’ te klikken.

Klikhierom in te loggen.

Lees Verder

Volwassenen ontdekken lego: ‘het is een moment om tot rust te komen’

Volwassenen ontdekken lego: ‘het is een moment om tot rust te komen’

Translating…

Wie de vlizotrap van Alex van den Mosselaar (49) uit Stolwijk beklimt, komt in een totaal nieuwe wereld terecht. De muren van zijn zolder hangen vol met bakken vol legoblokjes, keurig gesorteerd op kleur en soort. Waar nog ruimte is, hangen planken met kleurige legobouwwerken. Een tot in de detail ingericht boomhuis, een werkende achtbaan, gedetailleerde kopieën van bekende auto’s. Op het bureau in het midden van de kamer ligt een gevaarte van 1,60 meter lang. Het is het onderstel van een op schaal gemaakte hijskraan. Via een app op zijn telefoon laat Van den Mosselaar de wielen draaien. „Het was technisch een behoorlijke uitdaging om te zorgen dat die stuurden zoals bij de originele kraan, maar het is me gelukt.”

Het legoën is een vast onderdeel van de dag voor Van den Mosselaar. Na zijn werk als commercieel technisch adviseur gaat hij eerst eten, daarna trekt hij zich één tot anderhalf uur terug op zolder om aan zijn bouwsels te werken. „Het is voor mij een moment om tot rust te komen.”

Lego is niet meer alleen voor kinderen. Een grote en groeiende groep volwassenen is fan van de gekleurde blokjes. Hoewel Lego geen cijfers over de exacte aantallen deelt, vertelde de speelgoedfabrikant in 2019 tijdens een presentatie aan fansites dat de zogeheten AFOL’s (Adult Fan of Lego) goed zijn voor ruim 10 procent van de omzet, die in dat jaar in totaal bijna 5,2 miljard euro bedroeg.

In Nederland nam de populariteit de afgelopen maanden flink toe. Door de coronacrisis zaten mensen meer thuis waar ze zochten naar manieren om de tijd te verdrijven. Daar kwam in april het populaire RTL-programmaLego Mastersnog bij, waarin volwassenen het tegen elkaar opnamen in verschillende lego-bouwopdrachten en dat wekelijks meer dan een miljoen kijkers trok.

De lego-zolder van Alex van den Mosselaar.
Foto’s Folkert Koelewijn

„De afgelopen tijd heb ik heel veel nieuwe gezichten in de winkel gezien van mensen die geïnspireerd waren doorLego Masters”, zegt Pieter Boersma, eigenaar van legospeciaalzaak Playtoday in Gouda. De winkel had dit jaar de beste start sinds de oprichting in 2012 – volgens Boersma een duidelijk gevolg van de coronacrisis enLego Masters. Lego voor volwassenen zorgt momenteel voor ongeveer een helft van de omzet van de winkel, zegt hij.

Lees ook de Zap over Lego Masters:De brickmaster joeg een volwassen man de tranen in de ogen

Ook andere winkels zagen de verkoopcijfers van lego stijgen. Bij speciaalzaak Brickfever in Oisterwijk lagen de verkoopcijfers in de maanden maart, april en mei 212 procent hoger dan in diezelfde periode een jaar eerder. Onlinewinkel bol.com noteerde in week 12 tot en met 22 van dit jaar – de periode waarinLego Masterswerd uitgezonden – een verkoopgroei van 116 procent ten opzichte van dezelfde periode een jaar eerder. De verkoop van Lego Classics (dozen met losse basisonderdelen) steeg in diezelfde periode zelfs met 243 procent, vergeleken met het voorgaande jaar. Speelgoedwinkelketen Intertoys bevestigt ook dat lego de afgelopen maanden populairder was dan daarvoor, maar wil geen verkoopcijfers delen.

„Met name de afgelopen twee jaar zie je dat Lego sterk focust op de afzetmarkt voor volwassenen”, zegt Michiel de Ruijter (33), eigenaar van fanwebsite bouwsteentjes.info. Als ‘LEGO Ambassador’ staat hij in nauw contact met Lego en fungeert hij als schakel tussen het bedrijf en de Nederlandse AFOL’s. „Sinds kort staat op sommige dozen de aanduiding 18 . Dat wil niet per se zeggen dat ze te ingewikkeld zijn voor mensen van jonger dan 18, maar het is een manier waarop Lego de volwassenen wil aanmoedigen. Ze kunnen zich zo beter identificeren met het product.”

Tien jaar geleden werd ik raar aangekeken toen ik weer met lego begon, maar nu lijken mensen het wel cool te vinden

Pieter Boersma

Het imago van kinderspeelgoed zorgt er misschien voor dat volwassenen er niet graag voor uitkomen dat ze graag met lego bezig zijn. „Maar ik denk dat het eerder de angst is dat er een stigma op zit, dan dat er daadwerkelijk een stigma op zit”, zegt De Ruijter. Zelf krijgt hij nooit nare reacties als hij over zijn hobby vertelt. Dat is de laatste jaren veranderd”, vult Boersma van Playtoday aan. „Tien jaar geleden werd ik nog raar aangekeken toen ik als twintiger weer met lego begon, maar nu lijken mensen het wel cool te vinden.”

De volwassen legoliefhebbers zijn er in verschillende leeftijden, zegt Boersma. Wel valt het hem op dat ongeveer 80 procent van zijn volwassen klanten man is. De volwassen legoër voelt zich vooral aangetrokken tot de grotere en technisch uitdagende sets, ziet de winkeleigenaar. „En alles met een filmthema doet het goed bij die groep:Star Wars,Harry Potter,Jurassic World, superheldenfilms.”

Uitgestald in de woonkamer

Voor Sandra Polman (38) uit Veenendaal was een lego-set in het thema van de televisieserieFriendstwee maanden terug haar eerste aankoop als volwassen legoër. Ze had door de coronacrisis tijd over. „Op Instagram en Facebook zag ik steeds vaker volwassenen met lego voorbijkomen, ik zag dat zelfs bekende mensen als Fred van Leer en Kiki Bertens lego in huis hadden.” Ze besloot het ook eens te proberen. „Ik heb eerst een set voor mijn vriend gekocht en toen voor mezelf deFriends-set besteld. Het is een fijne activiteit om samen te doen en het is ontspannend.”

De twee sets staan uitgestald in verschillende kasten in Polmans woonkamer, en set nummer drie is ook al in huis. De reacties die ze op haar nieuwe hobby krijgt, zijn positief, zegt Polman. „Vooral kinderen zijn onder de indruk, die bij het zien van de sets vragen of ik meedoe aanLego Masters.” Ze verwacht niet dat de nieuwe hobby enorme proporties aan zal nemen. „Ik kan me voorstellen dat ik nog wel wat extra sets aanschaf als het straks kouder wordt en ik er minder op uit kan, maar het wordt niet iets waar ik maandelijks geld aan uit ga geven.”

Foto’s Folkert Koelewijn

Voor Lars Troost (32) uit Den Haag is legoën wel de voornaamste hobby. De projectcoördinator bij Stedin is dagelijks één á twee uur bezig met de bouwwerken op de speciaal ingerichte legokamer van zijn appartement. „Ik ben een zogeheten MOC’er. Dat staat voor My Own Creation, en betekent dat ik vooral zelf gebouwen ontwerp en bouw. Soms heb ik een idee, ga ik bouwen en zie ik wat er uit mijn handen komt. En er zijn ontwerpen waar ik van tevoren een schets van maak. Als ik iets nabouw uit een film of serie, heb ik er vaak referentiefoto’s bij. Meestal bouw ik in fantasy-thema’s: ik maak veel kastelen en ben momenteel met een piratenlandschap bezig.”

Belangrijk onderdeel van zijn hobby is het contact met de legogemeenschap, dat wordt onderhouden via zogeheten LUG’s (Lego User Groups) op internet. „Ik ben actief op LowLug, een populair Nederlands forum waarop we foto’s delen, nieuwe sets bespreken en samen evenementen voorbereiden.” Met een deel van zijn mede-fans van het forum reist hij meerdere keren per jaar af naar lego-evenementen in binnen- en buitenland.

Kasteel van 2,5 meter hoog

Jaarlijks neemt Troost een week vrij van werk om bij het evenement LEGO World in Utrecht te kunnen zijn. „Met ongeveer tachtig AFOL’s maken we een reeks bouwwerken, die we daar exposeren. Vorig jaar bouwde ik een kasteel van 2,5 meter hoog. Dat heeft me ongeveer driekwart jaar gekost. Technisch was het nog even puzzelen, omdat ik het kasteel naar evenementen mee moest kunnen nemen. Uiteindelijk wist ik het in acht delen op te splitsen, die ik in vier verhuisdozen kon vervoeren.”

Het bouwen brengt hem ontspanning en voldoening, zegt Troost. Daarnaast vindt hij het fijn dat bouwen met lego relatief simpel is. „Ik ben creatief in het verzinnen van concepten, maar ben minder vaardig met schilderen, knutselen of tekenen. Bij andere vormen van modelbouw moet je vaardig zijn met verschillende materialen, terwijl lego heel logisch in elkaar zit. Op een gegeven moment weet je welke steentjes je hebt en hoe je daar bepaalde vormen mee maakt. Daarnaast heeft lego voor mij een nostalgische waarde: ik kan nu de kastelen maken waar ik als kind alleen maar van droomde.”

Lees ook:Grote slagen met kleine poppetjes: de mannen achter wargaming

Dat kinderen van sommige legosets alleen maar kunnen dromen, heeft ook met de prijs te maken. Sets die speciaal voor volwassenen uitkomen, kosten vaak enkele honderden euro’s. Begin deze maand lanceerde Lego nog een Lamborghini-model van Lego Technics. De vierduizend stukjes tellende auto kostte 380 euro en was al uitverkocht voordat hij op de markt kwam. Prijzen voor gebouwen uit deHarry Potter-serie variëren van 75 euro (Potters huis aan de Ligusterlaan) tot 450 euro (een uitgebreide versie van Zweinstein).

„Het is geen goedkope hobby”, zegt ook Van den Mosselaar. Hij durft de waarde van alle lego op zijn zolder niet in te schatten, maar geeft jaarlijks tussen de 1.000 en 2.000 euro uit aan nieuwe onderdelen. In de hijskraan die hij nu bouwt, komt zo’n 15.000 tot 20.000 euro aan lego terecht, voorspelt hij.

“>

Foto Folkert Koelewijn

Ook qua tijd is het een behoorlijke investering: hij is nu zo’n halfjaar bezig met de onderkant van het gevaarte, en verwacht dat de rest van de bouw zo’n 1 à 2 jaar in beslag neemt. Dat komt ook omdat hij minutieus te werk gaat: elk detail moet kloppen, werken en perfect op schaal zijn. Van den Mosselaar zocht daarom eerst contact met kraanverhuurbedrijf Van Marwijk om de originele bouwtekeningen van de machine op te vragen. Als hij foto’s van de ontwikkelingen op internet zet, krijgt hij af en toe foto’s toegestuurd van geïnteresseerde kraanmachinisten: ‘Bij mij ziet het dashboard er zo uit.’

Het bouwwerk wordt in volle lengte ongeveer 4,5 meter hoog. Van den Mosselaar wil het meenemen naar enkele lego-evenementen en hoopt dat het daarna wellicht ergens een permanente plek kan krijgen, bijvoorbeeld in een museum. En als dat niet gebeurt? „Dan breek ik hem weer af en verdwijnt hij in de bakken op zolder.”

Een versie van dit artikel verscheen ook in NRC Handelsblad van 8 juli 2020

Een versie van dit artikel verscheen ook in nrc.next van 8 juli 2020

Lees Verder

Mohammed Allach: ‘Van een keurslijf word ik dwars’

Mohammed Allach: ‘Van een keurslijf word ik dwars’

Translating…

„Kijk”, wijst Mohammed Allach, daar woonde ik als kind. „Linksboven op de tiende verdieping.” De flat uit zijn jeugd werd vorige maand afgebroken. Wat rest is de flat waarop hij uitkeek. „Mijn broer stuurde een filmpje van de sloopwerkzaamheden. ‘Onze geschiedenis brokkelt af’, appte hij. ‘Misschien maar beter ook.’”

Allach, technisch directeur van RKC Waalwijk, wilde wandelen in de multiculturele wijk waar hij een groot deel van zijn jeugd woonde: Palenstein in Zoetermeer. Een wat troosteloze wijk met veel hoogbouw waar flink gerenoveerd wordt.

Hij was als kind geen haantje de voorste, zegt hij. „Ik liep niet met mijn dromen te koop. Iedereen had me uitgelachen als ik had gezegd dat ik profvoetballer wilde worden. Werken met coaches als Peter Bosz, Louis van Gaal en Fred Rutten? Het viel in Palenstein buiten het voorstellingsvermogen.”

De loopbaan van Mohammed Allach (Den Haag, 1973) loopt niet via een rechte lijn omhoog. Als verdediger brak hij relatief laat door – op zijn 22ste bij Excelsior – en kampte hij vaak met blessures. Nadat Leo Beenhakker hem op zijn 26ste bij Feyenoord had ingelijfd, besefte Allach al snel dat het te hoog gegrepen was. „Ik zie mezelf nog huilend bij Leo zitten. Of ik alsjeblieft terug naar Excelsior mocht, zodat ik weer aan spelen toekwam.”

Het werd geen Excelsior maar FC Groningen, waar hij uitgroeide tot vaste basisspeler. Maar na twee seizoenen stuurde coach Dwight Lodeweges hem weg omdat hij een „stoorzender” zou zijn. Via de media probeerden club en speler hun gelijk te halen.

Begin dit jaar kwam Allach opnieuw in opspraak, toen hij als technisch-directeur van Vitesse botste met de clubleiding. Hij wil er weinig over kwijt, behalve dat hij als leidinggevende niet kon doen wat hij wilde. „Ik heb bij Vitesse prachtige dingen beleefd, zoals het winnen van de KNVB-beker in 2017, maar ik voelde me er niet meer senang. Als het gevoel ontbreekt, haak ik af.”

“>

Dit interview vond, op verzoek vanNRC, plaats tijdens een wandeling. Mohammed Allach, technisch directeur van RKC, koos als locatie de Zoetermeerse wijk Palenstein, waar hij een deel van zijn jeugd woonde.

Veel van de keuzes die hij in zijn leven heeft gemaakt, zijn terug te voeren op die eerste jaren in Palenstein, denkt Allach. Hij is er al twintig jaar niet meer geweest, hooguit reed hij er een keer langs. Op deze plek hoopt hij een andere kant van zichzelf te laten zien.

Hij is geen man van grote emoties, maar al lopende wordt duidelijk hoeveel oud zeer in Palenstein verborgen ligt. „En ik maar denken dat ik het redelijk voor elkaar had”, zegt hij met een wrang lachje.

ADD’er

Allach is de middelste van vijf kinderen; vier jongens en een meisje. Zijn Marokkaanse ouders beproefden hun geluk begin jaren zeventig in Nederland. Vader vond een baan als lopendebandmedewerker bij een zuivelfabriek in Zoetermeer, moeder was schoonmaakster in een bejaardentehuis. Ze waren zelden thuis, de kinderen moesten zichzelf zien te redden.

Een gevoelig kind was hij, zegt Allach, nu zou hij misschien de diagnose ADD krijgen. Zijn oudere broers runden het huishouden, maar ook hij moest als kind belastingaangiften invullen. „Al jong droeg ik veel verantwoordelijkheid.”

Geldgebrek was in huize Allach een terugkerend onderwerp, de schulden stapelden zich op. Lang douchen was uit den boze. De wasmachine mocht niet te vaak draaien. En voor de deur lag een handdoek om de warmte binnen te houden. Het zit zo ingebakken, zegt hij, dat het hem stoort als zijn dochters ongevraagd iets uit de koelkast pakken. „Ik wil dat ze beseffen wat een luxe dat is.”

We gaan op zoek naar de mini-speeltuin waar hij als kind veel tijd doorbracht. De schommel, glijbaan en het klimrek zijn vernieuwd, maar verder is alles bij het oude gebleven. Gretig kijkt hij om zich heen, op zoek naar herkenningspunten.

Allach wil niet zielig overkomen, zegt hij, want een slachtoffer heeft hij zich nooit gevoeld. Maar de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat hij zich in Palenstein vaak machteloos heeft gevoeld. „Mijn ouders waren een hopeloos slechte match. Buren klaagden over de heftige ruzies. Nu ik zelf vader ben weet ik hoe moeilijk opvoeden is, maar sommige dingen …”, hij zwijgt even, „… zijn niet te herstellen. Hoe diep je ook van iemand houdt, dan moet je afstand nemen.”

Zijn ouders scheidden toen hij negen was, maar de jaren ervoor waren de moeilijkste uit zijn leven. De spanningen in het gezin liepen zó hoog op, dat de Kinderbescherming er aan te pas moest komen. Mohammed werd in tehuizen ondergebracht, waarna hij met zijn moeder, broers en zus in een Blijf-van-mijn-lijfhuis belandde. „Ik zal nooit de boze mannen vergeten die hun vrouw en kinderen kwamen opeisen”, zegt hij. „Dan dacht ik: zou mijn vader hier straks ook staan?”

Poging tot gezinshereniging

Op de plek waar ooit zijn basisschool stond – nu een leeg grasveld langs een sloot – vertelt Allach over de dag dat zijn vader de kinderen mee naar Marokko nam, tot wanhoop van zijn moeder, die met de baby achterbleef. Het was een uiterste poging tot gezinshereniging, denkt hij. Van een ontvoering wil Allach niet spreken, maar een ultimatum was het natuurlijk wel.

In de havenplaats Al Hoceima woonde Allach een jaar bij familie van zijn vader. Een „heftige” tijd, want niet alleen sprak hij de taal slecht en miste hij zijn moeder, ook werd hij op school geslagen met een liniaal als hij zich de lesstof niet snel genoeg eigen maakte. Met grote tegenzin zong hij ’s ochtends met klasgenoten het Marokkaanse volkslied onder de vlag.

Ook voor de rechten van Joden en homo’s moeten we de straat op

In die tijd groeide zijn afkeer van dwang, vermoedt Allach. Wat er ook gebeurt, hij wil controle over zijn leven. Die behoefte is zó sterk, dat zelfs de grootst mogelijke materiële welvaart er niet tegenop kan.

Als voorbeeld noemt Allach zijn vertrek als technisch-directeur bij Maccabi Haifa in 2018. Met zijn gezin woonde hij in een prachtige villa met zwembad, er stonden twee auto’s voor de deur en hij had een heel goed salaris. Ook zijn vrouw en kinderen hadden het na verloop van tijd erg naar hun zin in Haifa. „Maar ik miste de connectie wat visie en strategie betreft. Procesmatig denken was bij Maccabi bijna een vloek. Ik moest me te veel aanpassen.”

Als moslim voelde hij zich op zijn gemak in Israël, waar „iedereen wel een verhaal heeft”. Hij las veel over het jodendom en vierde joodse feestdagen mee – iets wat sommigen in de Marokkaanse gemeenschap als verraad beschouwen. „Maar toen ik niet meer kon doen wat ik wilde, was ik weg.”

In de voetbalwereld houden mensen hem vaak voor een jobhopper, weet Allach. „Daar zit een kern van waarheid in.” Maar het is niet omdat hij zich snel verveelt of superieur voelt. Hij is gewoon vrij van geest. „Ik wil niet in een keurslijf. Daar word ik dwars van.”

Bij de Zoetermeerse amateurclub DWO leerde hij dingen die je normaal van je ouders meekrijgt: je wekker zetten, afspraken nakomen, de dag beginnen met een goed ontbijt. Hij heeft er tergend lang over gedaan om een academisch denkniveau te bereiken, maar beseft dat het ook heel anders met hem had kunnen aflopen. „Meerdere jeugdvrienden gingen het criminele pad op. De omstandigheden waren ernaar om te ontsporen.”

Verdiep je in spelers

Tegen trainers met wie hij de afgelopen jaren als technisch-directeur samenwerkte, zei hij altijd hetzelfde: verdiep je in je spelers. Opvoeding, afkomst en intelligentie bepalen mede hoe iemand presteert. Over de sportieve lat valt niet te twisten, maar het mag best meer op maat. Creëer veiligheid, zodat spelers zich goed kunnen ontwikkelen. Benoem hun kwaliteiten, zodat ze zich gezien voelen.

Neem het conflict bij FC Groningen met coach Lodeweges, zegt Allach. Het kan best dat hij – een verbaal sterke jongen die snakte naar erkenning – een stoorzender was. Maar wáárom sprak Lodeweges hem ten overstaan van de groep aan op zijn gedrag en persoon? „In de Marokkaanse cultuur wordt dat als zeer vernederend ervaren. Zelfs mijn vrouw mag mij niet op die manier aanpakken waar andere mensen bij zijn.”

“>

Mohammed Allach, technisch directeur van eredivisieclub RKC.

Foto Merlijn Doomernik

Met belangstelling volgt Allach de felle debatten over Black Lives Matter. Uit ervaring weet hij hoe het voelt als winkelpersoneel je schaduwt, als je er als enige in de rij voor de discotheek wordt uitgepikt. „Dat is kut”, klinkt het fel. Hij weet nog goed dat hij een keer voor het stoplicht stond in zijn snelle auto. De jonge bestuurder naast hem deed zijn raam open. Allach deed hetzelfde, in de veronderstelling dat hij een routebeschrijving moest geven. ‘Die heb je zeker cash betaald’, zei de jongen, knikkend naar zijn auto. Allach: „Het raakte me enorm. Maar wat had het voor zin te schelden? Ik keek hem strak aan en zei: ‘Hé kerel, wat vervelend dat je dat zegt. Ik werk hard voor mijn geld.’ De jongen schrok en bood zijn excuses aan. Daarna reden we door.”

All lives matter”, zegt Allach op ernstige toon. Ook homo’s die niet vrijelijk hand in hand kunnen lopen. En de joodse winkelier wiens winkelruit wordt vernield. „Voor hun rechten moeten we ook de straat op.” Hij had graag met zijn dochters de anti-racisme-actie op de Dam bijgewoond, zegt hij, maar de angst voor corona – zijn schoonvader is 82 – hield hem tegen. „Al vraag ik me wel af of al dat protesteren niet te vrijblijvend is. Hoeveel van die demonstranten zijn lid van een politieke partij? Hoeveel maken gebruik van hun stemrecht? Blijven we na de demonstraties ook in gesprek?”

Na tweeënhalf uur zijn we terug bij de flat die alleen nog in zijn hoofd bestaat. „Ik heb lang getwijfeld of ik wel zo open moet zijn”, zegt Allach. Het oordeel van anderen boezemt hem angst in. „Maar dan denk ik aan mijn moeder die in haar eentje vijf kinderen onderhield. Als zij het overleeft, waarom ik niet?”

Een versie van dit artikel verscheen ook in NRC Handelsblad van 29 juni 2020

Een versie van dit artikel verscheen ook in nrc.next van 29 juni 2020

Lees Verder