‘Mentaal voelt het als oorlog voor de coronapatiënt’

Translating…

NRC spreekt de komende tijd met twaalf mensen die in de frontlinie staan van de corona-epidemie.Van arts tot ondernemer, van schoolbestuurder tot supermarkthouder. Wat maken zij mee? Wat zijn hun zorgen? Hoe houden ze de moed erin?

Dezer dagen is het moeilijkLodewijk Poelhekkete pakken te krijgen. Maar wat wil je, hij is traumachirurg en voorzitter van de vereniging van medisch specialisten in het Maasziekenhuis Pantein in Boxmeer. Die zorginstelling mag over een relatief klein aantal IC-bedden beschikken – hij noemt geen aantallen maar zegt dat er nu drie keer zo veel bedden zijn als in het begin van de coronacrisis – de taferelen zijn vergelijkbaar met die van een grootstedelijk ziekenhuis.

„Ik wil het graag een keer over de mentale ondersteuning van coronapatiënten hebben”, appte Poelhekke. De behoefte daaraan is volgens hem „bovengemiddeld groot”. Hij ziet „veel angst”.

„Ze praten over doodsangst, over hoe het is om in isolatie voor je leven te moeten vechten, zonder steun van partners en kinderen.”

In de auto, op weg naar huis, vertelt hij wat hij hoort van artsen en verpleegkundigen. „Op de IC worden patiënten in coma gehouden”, zegt hij. „Daar krijgen ze weinig van mee. Maar de dagen daarvoor, als ze benauwd worden en beseffen dat ze een aandoening hebben die mogelijk dodelijk is, zijn voor velen heel beangstigend. Net als de dagen na hun ontwaken, als patiënten zo veel spiermassa hebben verloren dat ze vaak niet zelfstandig kunnen ademen.”

Het ziekenhuis beschikt over vier klinisch psychologen, die in beschermende kleding coronapatiënten bijstaan. Ze praten over doodsangst, zegt hij, over hoe het is om in isolatie voor je leven te moeten vechten, zonder steun van partners en kinderen. „Alsof je in een oorlogssituatie zit”, zegt hij. „Bij hun ontslag uit het ziekenhuis zijn mensen soms zó aangedaan, dat verwerkingsproblemen op de loer liggen. Het zal niet voor elke coronapatiënt gelden, maar we moeten er in de nasleep van deze crisis wel alert op blijven.”

Voor het zorgpersoneel is dat niet anders. Deden artsen en verpleegkundigen een paar weken geleden nog relatief vaak een beroep op de ziekenhuispsychologen – „alles was nieuw, ze wisten niet wat er op hen afkwam” – nu ziet hij een zekere berusting: schouders eronder. „Maar ook hulpverleners zijn mensen, met eigen zorgen en dilemma’s. Ze hebben een partner met een zwakkere gezondheid of kinderen die thuis tegen het plafond aan zitten. En ze moeten keuzes maken die ze in het begin van deze crisis niet hoefden te maken: wie mag er bij als een patiënt aan de beademing moet? De partner? Het kind? Hoe coulant ben je? Ook dát grijpt aan.”

Als ik hem vraag naar zijn eigen mentale weerbaarheid, volgt een zenuwachtig lachje. „Traumachirurgen hebben daar een soort schild voor. Al geef ik toe…” Hij aarzelt. „…dat ook ik af en toe de ongerustheid in mijn lijf voel: hoe gaan we dit managen?”

Miriam de Graaff(34)

Sociaal psycholoog, woont inBorne(Overijssel).

Monique Bueving(48)

Voorzitter van de voedselbankin de stadGroningen.

Lodewijk Poelhekke(47)

Traumachirurgen voorzitter van de vereniging van medisch specialisten in het Maasziekenhuis Pantein in Boxmeer. Woont inNijmegen.

Mary-Jo de Leeuw(45)

Cybersecurityexpert, woont inWassenaar.

Roland Kramer(57)

UitvaartverzorgerinDen Bosch.

Armand Lagrouw(56)

Regiomanager bij Surplus, een organisatie voor verpleging en verzorging in Breda. Woont inSprang-Capelle.

Maaike Roovers-Schellekens(45)

Huisarts in Sassenheim. Woont inOegstgeest.

Soenil Bahadoer(52)

Chefkoken eigenaar van het twee sterrenrestaurant De Lindehof inNuenen.

Paul Corbijn(52)

Eigenaar Plus-supermarktinVrouwenpolder.

Mirjam Leinders(52)

Bestuurder stichting Innoordin Amsterdam. Woont inBadhoevedorp.

Luc Tanja(53)

Afdelingsmanager daklozenopvangvan het Leger des Heils in Almere. Woont inAmsterdam.

Rob van Haaster(50)

BloembollenkwekerinVijfhuizen.

Ulfert Molenhuis(72)

Voormaligvoorzitter van de voedselbankin de stadGroningen.

Een versie van dit artikel verscheen ook in NRC Handelsblad van 2 april 2020

Een versie van dit artikel verscheen ook in nrc.next van 2 april 2020

Lees Verder

Plaats een reactie