‘Je moet burgers ontzorgen, dat is het sleutelwoord’

Translating…

Nee, de overheid heeft niet stilgezeten, zegt Hans Mommaas, directeur van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Het kabinet heeft „veel beleid in de steigers” staan om de grote problemen in onze leefomgeving aan te pakken op het gebied van klimaatverandering, landbouw, grondstoffengebruik, woningbouw. Maar het schort aan de „doorwerking”, zegt Mommaas. Oftewel: er zijn genoeg bestuurlijke voornemens, maar nog weinig harde, met wetgeving gestutte doelen.

En dat terwijl de problemen zoals klimaatverandering, het verlies van biodiversiteit en de stikstofcrisis almaar urgenter worden, stelt het PBL in haar tweejaarlijkse rapportDe balans van de leefomgeving.

Vier jaar geleden, in aanloop naar de verkiezingen en kabinetsformatie van 2017, formuleerde het PBL de vier grote vraagstukken voor de leefomgeving: klimaat, toekomst van de landbouw, van stad en regio en de ontwikkeling van de circulaire economie. Nu kijkt het instituut terug: wat is er gebeurd de afgelopen periode?

Het grote lichtpunt, wat betreft het PBL, is het klimaatakkoord dat in 2019 definitief werd gesloten. Mommaas: „Daar is stevig beleid op de rails gezet, met brede maatschappelijke betrokkenheid: van actiegroepen, tot het bedrijfsleven, consumenten, werkgevers en werknemers. Het akkoord heeft een duidelijke horizon. En het is wettelijk geborgd, zodat er niet tussentijds aan gemorreld kan worden. Daarbij wordt jaarlijks de voortgang geëvalueerd.”

Aan de andere kant, stelt Mommaas, is de buit daarmee nog lang niet binnen. De langdurige reductie van CO2-emissies „moet nog plaatsvinden”. Ondertussen raken de doelstellingen van ‘Parijs’ – maximaal 2 graden opwarming en waar mogelijk 1,5 – mondiaal steeds verder buiten bereik.

Op het gebied van duurzamer grondstoffengebruik is het PBL veel minder positief over de voortgang van het kabinet. De Haagse circulaire ambities vragen om „verdere opschaling”. En ook op het gebied van landbouw is er stevige kritiek: het kabinet kwam „nauwelijks” tot „concrete beleidsmaatregelen”. Ondanks de uitwerking van het plan voor kringlooplandbouw – waarbij voer zo dichtbij mogelijk wordt gehaald en mest zo dichtbij mogelijk wordt uitgereden – van minister Carola Schouten (ChristenUnie).

Vier jaar terug zei u: er móét iets gebeuren in de landbouw. Twee jaar terug zei u dat opnieuw. En nu weer?

Mommaas: „Ja, daar moet een moeilijke beslissing worden genomen. Landbouw is politiek een zeer lastig thema. En maatschappelijk ook. We hebben onderzoek gedaan naar hoe burgers tegen het beleid aankijken. Wat lastig is: mensen vinden in groten getale dat boeren een eerlijke boterham moeten verdienen, maar ze houden óók ontzettend van natuur. Hoe breng je dat samen?

„We zagen ook dat het beleid is doorkruist door de stikstofuitspraak in mei vorig jaar. Het kabinet had voorzichtig ingezet op kringlooplandbouw, maar opeens gingen alle ballen op stikstofruimte.”

Het PBL stelt: op landbouwgebied moet het kabinet keuzes maken. Welke keuzes zouden dat kunnen zijn?

„Dat is aan het kabinet. Maar wij constateren dat de term kringlooplandbouw niet genoeg duidelijkheid verschaft. Op welke schaal ga je kringlopen sluiten: regionaal, Noordwest-Europees? Wat ga je doen om dat te bereiken? Wat betekent dat voor het verdienmodel van de boer? Dit soort vragen moeten beantwoord worden.”

Voor het eerst is in de tweejaarlijkseBalans van de leefomgevingook aan een representatieve groep burgers gevraagd hoe zij de openbare ruimte in Nederland ervaren. Niet voor niets, want volgens Mommaas worden burgers bij het maken van beleid door de overheid nu enigszins verwaarloosd. Het lukt „maar mondjesmaat” om diezelfde burgers in beweging te krijgen, terwijl er „veel” van hen wordt verwacht.

Wat vond u de opvallendste uitkomst na het ondervragen van het burgerpanel?

„De grote steun voor maatregelen op gebied van klimaat, natuur en milieu. Mensen vinden dat in grote aantallen een moreel-ethisch vraagstuk. Maar wanneer het vertaald moet worden naar concrete maatregelen, dan wordt het lastig. Dan vragen mensen zich af: worden lasten eerlijk verdeeld, kan ik dit dragen?”

Is dat puur een geldkwestie?

„Niet alleen. Het gaat ook over onzekerheid. Neem zoiets als een cv-ketel. Mensen vragen zich af: moet ik mijn oude ketel door een nieuwe cv-ketel vervangen? Eigenlijk is de vraag: hoe ziet de toekomst eruit?”

Wat is de rol van de overheid daarin? De toekomst ís toch niet altijd duidelijk?

„Dan moet de overheid communiceren dat er onzekerheden zijn. Er zijn allerlei pilots met het aardgasvrij maken van woonwijken. Zeg dan: we zijn aan het leren hoe het moet. En raad mensen bijvoorbeeld aan in de tussentijd een cv-ketel te huren in plaats van te kopen. Je moet burgers ontzorgen, dat is het sleutelwoord.”

Door corona zit de Nederlandse economie in een zware crisis. Welke invloed verwacht u?

„Corona heeft een paradoxaal effect: aan de ene kant gaf de verminderde economische activiteit een doorkijk naar een duurzamere samenleving. Schonere luchten zonder vliegtuigstrepen, mensen die genoten van de natuur. Maar de economie zal herstellen en voor je het weet schiet het de verkeerde kant op. Daarom moeten we nadenken over herstelprogramma’s die de leefomgeving goed in het vizier houden, zoals het verduurzamen van woningen of aanleggen van laadpalen voor elektrische auto’s. Zoiets heeft een lange positieve doorwerking.”

De vier grote vraagstukken volgens het PBL

Stad en regio„De verschillen tussen regio’s nemen toe.” De verstedelijking „neemt toe” en „ruimtegebruik voor woningen, bedrijventerreinen en infrastructuur groeit.” In andere gebieden is juist sprake van krimp. De knelpunten op de woningmarkt zijn „groot, er is een aanzienlijk woningtekort. Om dit op te kunnen lossen zouden naar schatting 95.000 woningen per jaar moeten worden gebouwd, een aantal dat al enkele decennia niet is gehaald.”

Landbouw en natuurWereldwijd gaat het verlies aan biodiversiteit door. In Nederland is het verlies in natuurgebieden gestopt, maar in het agrarisch gebied gaat het „nog steeds slechter”. De ambitie voor een structureel andere landbouw, zoals het kabinet wil, „is nog nauwelijks vertaald in concrete beleidsmaatregelen”. Beleid voor kringlooplandbouw, natuur en stikstof is „vooral gericht op inpasbaarheid in de gangbare bedrijfsvoering.”

Klimaat“Klimaatverandering zet wereldwijd en in Nederland door.” De gevolgen nemen “zichtbaar toe”. “Er zullen nog veel keuzes moeten worden gemaakt, met strijdige belangen van industrie en landbouw – sectoren waarin de emissiereductie relatief goedkoop is, maar die concurrentienadelen vrezen – en burgers – voor wie de reducties duur zijn en die niet zonder meer hun vertrouwde levensstijl willen veranderen.”

Circulaire economieEfficiënter gebruik van grondstoffen is nodig om verdere milieuschade te voorkomen en grondstoftekorten te voorkomen. De transitie naar een circulaire economie staat „nog in de kinderschoenen”. Het meten van circulaire kabinetsambities, zoals het halveren van het gebruik van fossiele brandstoffen en metalen vóór 2030, is „niet goed mogelijk” omdat de voortgang zich niet „in één getal laat vangen.”

“>

“>

Een versie van dit artikel verscheen ook in NRC Handelsblad van 8 september 2020

Een versie van dit artikel verscheen ook in nrc.next van 8 september 2020

Lees Verder

Plaats een reactie