Het ‘griepje’ dat de Braziliaanse president dreigt te vellen

Translating…

De boze overbuurman probeert het lawaaiprotest tegen zijn president te overschreeuwen. “Communisten!”, roept hij, terwijl om hem heen buren op potten en pannen slaan. Eenzaam staat hij daar, op zijn balkon, onverstoord ondanks een overweldigende overmacht.

“Weg met Bolsonaro”, schreeuwt mijn onderbuurvrouw in zijn richting. “Nietsnut!” Het is onduidelijk of ze de Braziliaanse president Bolsonaro bedoelt, of de overbuurman. “Ga toch lekker naar Cuba of Venezuela, mens”, roept hij terug.

In mijn rijke wijk in het westen van São Paulo stemde ongeveer 75 procent van de bewoners in 2018 op de uiterst-rechtse Jair Bolsonaro. Afgaande op het lawaai lijken velen van hen daar nu spijt van te hebben.

‘Griepje’

Het is begin april, de coronacrisis heeft Brazilië nog maar net in z’n greep. Sinds 23 maart zijn de scholen en de meeste winkels gesloten, op last van de gouverneur. President Bolsonaro is het er niet mee eens: hij vergeleek het virus met een ‘griepje’ en wil dat iedereen weer gaat werken. Daarom wordt er elke avond geprotesteerd.

Mijn vierjarige dochter kan er niet van slapen. Mijn vrouw ligt al een paar dagen ziek in bed. Omdat ze symptomen heeft van corona, blijven ook mijn dochtertje en ik preventief binnen. Hoe frustrerend het ook is, deze fase van de crisis zal ik vanuit huis moeten verslaan, voor zover dat mogelijk is met een verveelde kleuter in huis.

Mijn wijk blijkt een prima standplaats van een journalist: het is het epicentrum van de corona-epidemie in Brazilië. De rijke Brazilianen raakten het eerst besmet. Veel van onze Braziliaanse vrienden en buren zijn echt bang.

Terwijl mijn echtgenote maar niet beter wordt, verziekt de sfeer buiten met de dag meer. De scheldpartijen worden zo heftig dat de conciërge een briefje in de lift ophangt met het verzoek om het een beetje beschaafd te houden. Het haalt weinig uit.

Virus verspreidt zich naar arme delen

Als duidelijk wordt dat de quarantaine niet na twee weken wordt opgeheven, beginnen veel mensen te morren. Niemand had erop gerekend dat het zo lang zou duren. En iedereen dacht dat er veel meer doden zouden vallen dan tot nu werden gemeld. Voor miljoenen Brazilianen geldt: geen werk, geen inkomen. Dat is min of meer waar de president zich zorgen over zegt te maken: het middel is erger dan de kwaal. Het wordt langzaam stil in de wijk.

Tegen die tijd is de piek in dit deel van de stad waarschijnlijk bereikt. Het ergste lijkt voorbij voor de ‘klasse A’, de rijkste bovenlaag van het land. Mijn vrouw herstelt langzaam, de populariteit van de president ook. Er zijn optochten van Bolsonaro-aanhangers die vanuit hun auto iedereen oproepen weer aan het werk te gaan. Het aantal verplaatsingen neemt toe, minder dan de helft van de bewoners van de stad houdt zich nog aan de coronamaatregelen.

Ondertussen verspreidt het coronavirus zich naar de arme delen van de stad en het land. In het verre Amazonegebied stort de zorg volledig in. En in de arme wijken van São Paulo, worden steeds meer mensen ziek. De crisis verplaatst zich, en dat belooft weinig goeds.

Politieke crisis

Alle ogen zijn gericht op Bolsonaro, en de politieke crisis in de hoofdstad, Brasilia. De president ontslaat eerst zijn kritische minister van Volksgezondheid en vervangt hem door een ja-knikker. Die avond slaat een groot deel van de buren weer even op de pannen. De overbuurman zet zwaar geschut in, en speelt keihard het Braziliaanse volkslied af op zijn geluidsinstallatie. “Leve Bolsonaro”, schreeuwt hij nog lang nadat het lawaaiprotest voorbij is.

Op de dag dat mijn vrouw, dochter en ik twee weken symptomenvrij zijn, en eindelijk weer naar buiten kunnen, escaleert de politieke crisis. De immens populaire minister van Justitie, Sérgio Moro, stapt op en beschuldigt de president van politieke inmenging in politieonderzoeken. Een politieke bom, die zelfs kan leiden tot een afzettingsprocedure tegen de president. Het vertrek van de ‘superminister’ is ook funest voor de populariteit van Bolsonaro.

Zo is het gesprek van de dag opnieuw de politieke crisis, en niet de ruim 58.000 geregistreerde corona-besmettingen en meer dan 4000 doden. Zodra de president aan zijn zoveelste televisietoespraak begint, beginnen de buren weer op potten en pannen te rammen. Maar één ding valt op: deze keer laat de overbuurman, de onverschrokken Bolsonaro-fan, zich niet meer horen.

Lees Verder

Plaats een reactie