Man wil miljard van Apple na onterechte arrestatie 'via gezichtsherkenning'

Man wil miljard van Apple na onterechte arrestatie 'via gezichtsherkenning'

Tweakers-logo

Tweakers maakt gebruik van cookies

Tweakers gebruikt cookies, JavaScript en andere technologieën om u een optimale gebruikerservaring te bieden. Ook kunnen we het gedrag van bezoekers vastleggen en analyseren, en deze informatie toevoegen aan bezoekersprofielen.

Cookies kunnen worden gebruikt om Tweakers advertenties te tonen en artikelen aan te bevelen dieewel bij uw interesses. Ook derden zijn uw internetgedrag, zoals dat het geval is bij embedded video’s van YouTube.

Cookies kunnen ook worden gebruikt op sites van derden. Cookies kunnen van elkaar worden gedeeld via sociale media, zoals Twitter en Facebook. Meer informatie vindt u optweakers.net/cookies.

Om pagina’s op Tweakers te kunnen bekijken, moet u de cookies accepteren door op ‘Ja, ik accepteer cookies’ te klikken.

Klikhierom te loggen.

Lees Verder

'Meereizende mannen rood zich beter beter'

'Meereizende mannen rood zich beter beter'

Tessa Kollen (47) bestelt een cassis. In Qatar, waar ze woont, is dat niet te krijgen en in Marokko en Kenia, waar ze daarvóór woonde ook niet. Later kiest ze de salade van het huis – we zitten in de tuin van café Schlemmer in Den Haag. Met spekjes. “Dat is ook een dingetje,” zegt ze. Wel te krijgen in Qatar, maar in één supermarktje, ver weg gelegen op een industrieterrein buiten de hoofdstad Doha waar “alcohol en varkensvlees te koop zijn tegen woekerprijzen”. De enige keer dat dat een salade is, is het een “special treat”.

Ze is een paar dagen in Nederland voor de presentatie van haar debuutDe mentor,dat haar aanpasbare bijrijst als “Luizenmoedermeets Agatha Christie”. Het is een ‘whodunnit’ die zich afspeelt in het internationale expatmilieu van verveelde vrouwen-van en verwende kinderen. Tessa Kollen beschrijft een benjuwde gemeenschap in een luxe buitenwijk van een niet met naam genoemde stad, waar de mannen werken als diplomaat, als cfo van een groot concern als als buitenlandcorrespondent van een krant.

De vrouwen vormen hun eigen leefgemeenschap, vol intriges, kleine drama’s en ongeschreven regels. Hun leven speelt zich af in gehoeide villa’s, hun van de hitte, het stof en de vochtigheid van de stad, met een legertje personeel tot hun beschikking. Middelpunt van hun bestaan ​​is de International American School waar hun kinderen voor veel geld een top zijn en waar zij, de vrouwen dus, vrijwilligerswerk doen. In die “microkosmos” wordt de mentor van de school vermoord.

Los van plot en personages is the setting that the boek. Als iemand de “gouden kooi” sterft in het boek beschrijft zijn van binnenuit kent, dan zij toch wel? Tessa Kollen is wat je noemt een Shell-soort. Haar vader trouwde een vrouw uit Brits-Guyana toen hij daar voor zijn werk verbleef. Haar zusje werd er geboren. “Toen ik geboren moest worden, woonden mijn ouders in Nigeria.” Omdat ze dat geen ideale plek vond om te krijgen, plaatste het bedrijf hen tijdelijk in een appartement in Groot-Brittannië, en dat ze waarom ze in Wimbledon is geboren. Van haar derde woonde ze in Nederland, ze ging naar een Nederlandse middelbare school in Den Haag, stigde internationale betrekkingen in Utrecht. Maar iets van het expatbestaan ​​bleef in eigen land in stand. Thuis werd Engels gesproken, de vriendenkring van haar ouders was internationaal.

De expatwereld heb ik zwaar aangezet, bijna karikaturaal

Zelf is ze al twintig jaar een vrouw-van. Roeland Kollen is diplomaat, zijn huidige functie is die van tweede man (plaatsvervangend hoofd van de missie) op de Nederlandse ambassade in Qatar. Hun drie kinderen van 16,14 en 12 zitten op de Amerikaanse Internationale School, home wordt overwegend Engels werden en de is dat de oudste, een dochter, dit jaar examen doet, anders waren ze dit zomer door Buitenlandse Zaken overgeplaatst naar het volgende land voor de komende vier jaar. De vraag is: is Tessa Kollen net zo verveeld, onvervuld en ontevreden over haar bestaan ​​is als de vier vrouwen uit de vriendinnenclub van haar boek?

Gevoel van doelloosheid

Het antwoord is nee. Ze heeft de expatwereld zwaar aangezet, zegt ze. Schrijf wat je weet, was een advies dat ze ooit kreeg. De internationale gemeenschap, zegt zij, is een “backdrop”, achtergrond, decor. “Het is bijna karikaturaal.” Dus de mooie Canadese ambassadeursvrouw Sophie, die lijdzaam de plichtplegingen ondergaat die het werk van haar echtgenoot met zich meebrengt? “Ik had voor ik begon te schrijven nog nooit een Canadese ambassadeursvrouw ontmoet. De vrouw ik daarna heb ontmoet is het tegenovergestelde van haar fictieve evenknie en ondertussen een dierbare vriendin. “

En de echtgenote van de Nederlandse cfo die zich gek verveelt? “Die bestaat niet echt.” En de enige voorzitter van de Parent Teacher Association (PTA) die ze goed gekend heeft, dat was ze zelf. De PTA van een Amerikaanse school is een soort ouderraad, maar heeft meer en invloed dan een Nederlandse oudervereniging. De voorzitter is altijd een vrijwilliger, meestal een ouder, vaak een moeder. Dat de school voor elk expatgezin het middelpunt is van het sociale leven, dat heeft ze dan weer niet verzonnen.

Wat ook geen fictie is, is de eenzaamheid, het gevoel van doelloosheid, het verloren leven in een ander land bij s meerdere kan oproepen. “Zo is het vaak, het zijn de prototypes die je overal wel tegenkomt. De supernaïeve nieuweling die geen idee heeft voorkomende hij of zij begint. De doorgewinterde echtparen die dit leven al jaren leidt en uitstralen: daar gaan we weer,daar geweest, dat gedaan. “Je kunt ervoor kiezen, zegt ze, je te onttrekken aan het land. In de wetenschap dat je na een jaar van wat weer vertrekt, loont het voor s mensen de moeite niet om de taal te leren, het land te ontdekken van de lokale bevolking. “Het hangt af van hoe vaak, hoe lang is waar naartoe.”

Een stuk vrijblijvender

Wie de onderverdeling ooit heeft bedacht, weet ze, maar onder expats worden drie typen onderscheiden:missionarissen, huursoldaten, buitenbeentjes. De idealisten, de profiteurs en de buitenstaanders. “De een zit in het buitenland om te verbeteren.” De werknemer van een niet-gouvernementele van hulporganisatie, de diplomaat hoort, denkt zij, ook in die categorie thuis. Het andere is omer – the time of a multinational. “En de derde groep blijft verliezen.” Die laatsten, dat is vaak de meegaanders, de vrouwen-van, en over hen gaat haar boek. “Tegenwoordig kom je vaker meereizende mannen tegen, maar op een van andere manieren lijken die zich beter te redden. Ze vinden wat ze leuk is om te doen, wat belangrijk is, anders krijg je onherroepelijk problemen. “

Tessa Kollen heeft haar hiel wat drukker dan de vrouwen in haar boek, zegt ze. En met het vrouw-van zijn, heeft ze geen moeite. Zij deed, netto na de oorlog daar, in 1999 een jaar ontwikkelingswerk in Bosnië. Voor Oxfam / Novib richtte ze een veldkantoor op in Tunis tijdens de Arabische Lente. Het had, wil ze maar zeggen, ook omgekeerd kunnen zijn: hij mee met haar. “Ik beschouw ons leven als een team effort. We zitten hierin samen. Het succes van ons als geheel vind ik belangrijker dan mijn individuele prestatie. “

Lees ook:Derdecultuur-kinderen passen zich gemakkelijk aan

Zij heeft, als vrouw van een diplomaat, geen contacten. “Dat was een stuk vrijblijvender dan het vroeger was.” Toen was het de vrouw die kwartier maakte, die de kinderen hielp settelen, die het huis, de auto, de telefoons regelde. “Stiekem is dat nog steeds een beetje zo. De dag na de verhuizing gaat Roeland naar zijn werk, de rest doe ik. “

Sneller de diepte in

Het heeft iets paradoxaals. De eerste zorg in een nieuw land is het leven zo snel mogelijk. “Van je nou in Kenia van Marokko zit, je bent er om te leven”, zegt zij. Dat leven is niet zo heel anders dan dat het gezinsleven zoals ze dat in Nederland had zou hebben. “Werk, school, en ‘s avonds eet je samen thuis. Van Albert Heijn van de Nakumatt maakt je weinig leuk. “Groot verschil is wel dat haar kinderen opgroeien als Nederlanders sterven in Nederland hebben gewoond. Zijn ze ‘derdecultuur-kinderen’, children that te midden of different nationaliteiten opgroeien en are a culturele sensitivity indien develop? Ze lacht. Haar oudste zoon kon zijn op zijn vierde zijn jas niet zelf dichtritsen. De jongste weigerde in Nederland op schoenen te lopen. “Zo gek was dat niet. Schoenen, jassen, hoezo? Ze waren Afrika gewend. “

De vrienden die ze maakten in Qatar zijn veelal ouders van schoolvriendjes van de kinderen. De koppels zijn Armeens-Amerikaans, Canadees-Pakistaans, Amerikaans-Sri Lankaans-Roemeens. “De gemengde afkomst is ook onderdeel van mijn identiteit, en die van de kinderen.” Op een plek waar iedereen vreemdeling is, is heus een ervaring geworden. “Iedereen haalt daar bedreven in, er is geen tijd om na te denken: ‘wat vind ik eigenlijk van jou’. Je gaat veel sneller de diepte in. “

Hoe erg is het helemaal af en toe een abaja te dragen?

Net zo fast are friends as a landks. “Dan moet je maar afwachten van je eigen. Maar dat is niet erg. Ook als je elkaar na tien jaar ziet, pak je de draad weer op. “

Over een dag van twee gaat ze terug naar Doha, daar is het intussen 35 graden. “Dat vindt wij niet nét lekker.” Van half mei tot half september kan de temperatuur oplopen tot 40 graden. “Maandenlang leeft iedereen binnen.”

Waar ze nu heengaan, weet ze nog niet. “De zomer verschijnen de lijsten met vrijblijvende dagen en gaan het fantaseren over de toekomst.” Haar maakt het niet uit waar ze heen gezonden worden. Geen absolute no-go’s? Ze denkt hardop na. “Liever niet naar Riad misschien?” Omdat ze daar, als vrouw, minder bewegingsvrijheid heeft? Zelfs snel als ze het bedacht, weerlegt ze het, diplomatiek. “Daar pas ik wel een mouw aan. En hoe erg is het helemaal om een ​​teena te dragen? “

Lees Verder

Ik droom van een verbod op zelfautorac

Ik droom van een verbod op zelfautorac

Zo nu en dan verlang ik naar een autoloze zondag. Ofunst een paar per jaar. Geen herrie, geen uitstoot, de kinderen die eindelijk in hun bovenarmpjes knijpen.

Begrijp me niet verkeerd, ook ik spendeer de helft van mijn zoektocht naar een parkeerplaats (en hopeless stadsmens weiger ik naar een dorp te verkassen). En toch droom ik van een wereld. Ik koester nog steeds de hoop dat de zelfrijdende auto die droom komt waar maken. Een auto van wie je de onderdanigheid gewoon kan programmeren. Eigenlijk hoepel ik op de meest rigoureuze variant: een totaalverbod op zelf rijden in de bebouwde kom. Geen zebra’s meer. Geen klaarovers bij scholen. Niet meer links-rechts-links-rechts, en nog een keer voor de zekerheid. Geen geknijp in kinderarmpjes. Nee, de lokale autoriteiten (wij!) Die de hand om de bovenarm van de robotauto knijpen en zijn als soort door het verkeer dirigeren: langzaam rijden! Voorrang verlenen! Kijk uit voor peuters! Links-rechts-links-rechts-kijken en nog een keer.

Ik stel me voor dat je dynamische regel kunt instellen. In de ochtendspits de auto wat meer ruimte, van opASST kruispunten. Bijna het begint te regenen hebben fietsers en voetgangers prompt overal voorrang. En mag de autorit wat trager verlopen is dat ook niet van ramp. Automobilisten kunnen werken van slapen van Netflix kijken van alvast een borreltje opentrekken. Na het afleveren thuis rijdt de auto zelf weer verder. In plaats van parkeerplek in te nemen gaat hij zich ergens anders doen maken, taxi spelen, van ergens waar de zon schijnt energie opwekken.

Ik kan niet wachten op de toekomst. Maar het duurt allemaal zo lang. Ik maak me eigentijds ronduit zorgen van de zelfrijdende auto niet een doodgeboren kindje is. Van wij het straks alleen moeten doen met een slap aftreksel ervan, een veredeldecruise control. In de recenteTegenlicht-documentaire ‘De Rijdende robot’hielden de makers van ‘The Moral Machine’ de kijker de volgende morele vraag. In een online spelletje moeten spelers de vraag beantwoord of ze willen dat een zelfrijdende auto een vrouw van een dakloze op een zebra doodrijdt, als die in de situatie komt dat hij hij kiezen moet. Fascinerend inhoud, en we know that that that are very very good to change to help.

Maar is dit echt het urgentste dilemma als het kan worden bedreigd? In plaats van vragen ‘wie moet er dood?’, Kun je ook vragen: wie blijft er allemaal in leven door de autopiloot? Wie zijn er straks allemaalnietdoodgereden op Brabantse 80km-wegen? En hoeveel ruimte krijgen we terug?

Ik ben bang dat dit soort vragen, hobby’s van filosofen en juristen en ecology makers, ook niet een kilometer worden afeiden zonder bestuurder. Als we op alle overzichten moeten wachten weten we zeker dat het altijd nooit gaan gebeuren.

Nu zijn er wat urgentere vraagstukken, die in de documentaire aan bod komen. Wat dreigt is that not our states, en al helemaal niet the local states, maar Silicon Valley straks ons verkeer programmeert. Maken we onze levens zo niet ondergeschikt aan computersystemen? Hoe zit het met privacy? Wat doen bedrijven met alle gegevens? Yuval Harari vergelijkt de uitruil van onze gegevens voor gratis emaildiensten en andere handigheden met “Afrikaanse en indiaanse stammen die onbewust zijn aan Europese imperialisten die voor wat kleige kralen en goedkope snuisterijen zijn”. Hopeloos naïef.

Vooropgesteld: ik wil niet meer handjes van Google rond mijn bovenarm. Maar ik wil wel Googles hedendaagse kralen en snuisterijen. Volgens mij kan alles beoordelen. Transparantie, data-eigendom en zeggenschap afdwingen, de bedrijven opbreken om hun macht te doen slinken en verantwoorden ruim baan maken voor hun producten. Als we dat dat niet alle filosofische dilemma’s zijn zullen worden, schiet het een beetje beetje bij met de vooruitgang. Dan kunnen we zeker deze eeuw nog stoppen met Middeleeuwse hobby’s als auto’s besturen.

Rosanne Hertzbergeris microbioloog.

Lees Verder

'Allah, ik wil een auto, een tasje, en een rokje aan'

'Allah, ik wil een auto, een tasje, en een rokje aan'

Rahma el Mouden (60) muziek met een breed armgebaar de broodkruimels van tafel, één hand eronder om ze op te vangen. De serveerster trekt één wenkbrauw op, Rahma el Mouden trekt haar armen schielijk op schoot en zichscholkigt zich met een lach. Het is een “tic” van haar, waar rommel is ruimt zij op, macht der gewoonte na ruim veertig jaar schoonmaakwerk. We zitten bij Rijks, het restaurant van haar keuze, pal naast het Rijksmuseum in Amsterdam, één Michelinster. “Bijzonder restaurant, chic.” En ja, het wordt schoongehouden door háár bedrijf, MAS Dienstverleners. Net als de 40.000 vierkante meter, 80 zalen en 180 vitrines met museumstukken aan de overkant.

Ze was 17, netto twee jaar in Nederland, en had net zo lang gezeurd tot haar man haar en hun tweejarig zoontje Marouan meenam naar zijn werk in de avonduren. Overdag werkte Bachir in een leerfabriek, ‘s avonds samengesteld hij schoon. “Ik was beter”, zegt ze, ook het een wedstrijd was. “Puntjes op de i.” Van haar moest ook de stoel- en tafelpoten schoon, zo had ze haar van haar moeder geleerd als meisje in Marokko. “Maar ik huilde als ik de vloer stofzuigde onder de benen van de telefooncentrale.” Ze was niet alleen maar schoon te maken. “De dames droegen mooie tasjes en korte rokken, reden in een mooie auto. Allah, slechte ik, ik wil een auto, een tasje en een rokje aan. En niemand zal me tegenhouden. “

Mijn drijfveer is niet alleen

Ze weet het in het boek dat ze meer dan geschreven was. Rahma,the way to my freedom. This month, and does not too documentair over haar leven. Het Marokkaanse dubbeltje dat op eigen kracht uitgroeide tot kwartje. Ze is de vierde soort van de zeven kinderen van een imam. Haar vader, een jongen van de grote stad, was liberaal, net als haar grootvader. Dochters mochten van hem leren. Haar moeder, een dorpsmeisje, was ook bepaald geen watje. “Voor hun vader trouwde, zij ze twee echtgenoten af.” Eentje was pasklaar als ze hun pasgeboren dochtertje aan hem afstond. “Niemand zoute het, maar ze deed het.”

Over het kind dat ze zelf was, schrijft Rahma el Mouden in harde bewoordingen. Ze noemt getikt, rebels, brutaal, onmogelijk, en “de inktzwarte bladzijde in de familiegeschiedenis”. Waarom? Omdat ze haar twee jaar jongere broertje, die niks moest en alles mag, in elkaar timmerde? Als ze als een vijf-dirham snoepjes inkocht, die ze op een kleedje voor de deur voor elf dirham verkocht? Of – en dat is waarschijnlijk het antwoord – want ze the relative freedom that they has the uiterste oprekte?

Verder leren niet nodig

Ze werpt een halve blik op de menukaart en laat vervolgens de keuze van de gerechten aan mij. Ik lees haar voor wat er zoal op de kaart staat. Besenghe van geitenbok. Nee, nee, schudt ze. Geen vlees dat niet halal geslacht is. Ceviche van harder. Millefeuille van rode biet. Ze lacht en vraagt ​​of ik weet wat dat allemaal precies is. We kiezen voor wat we allebei willen herkennen. Kabeljauw en spitskool. Ze kijkt naar de doorloze ramen naar buiten. We were nu here, but it had net zo good one of its other “vaste adressen” in the city can we are they were where to rent of clients of family, closed without residential toplocaties. “Lekker eten, mooie omgeving. Ik hou van mooie dingen. “

Haar vader kon imam worden in Gibraltar, aan de overkant van de zee. Als hij thuiskwam bij zijn gezin in Tanger brengt hij zijn zijn doenchters conventionele kleren mee. Maar weliswaar raakte Rahma’s vrijheid ingeperkt door zijn afwezigheid. “Mijn moeder kon ons in haar eentje niet aan. School was er te leren lezen en schrijven, had ze ook nodig. “Als haar” lieve vader “had in het buitenland gewerkt, als ze een opleiding had mogen afmaken, als haar ontwikkeling niet was geremd … Dan wat? “Dan was ik niet geëmigreerd.” Dan, vervolgt ze, was ze nooit in de reinigingsbranche terechtgekomen, en dan was ze hoogstwaarschijnlijk alleen en ongetrouwd door het leven. “Geen man in Marokko is mij als echtgenote zou accepteren.” Misschien was ze wel psycholoog van rechter geworden. Geen zakenvrouw? Ze schudt haar hoofd. “Mijn drijfveer is niet alleen. Ik wil iets wilde in de samenleving. Verbinding leggen. Mijn werknemers hier noemen me moeder Thérèsa. “

Haar “levensdraad” liep anders. Ze accepteerde op haar vijftiende het huwelijksaanzoek van de tien jaar verhoogde Bachir. Wat meespeelde bij haar ja-woord was dat hij al in Spanje werkte, als hovenier, en ze had er lucht van gekregen dat hij misschien wel voor altijd in Europa wilde blijven. In december 1975 voegde ze zich bij hem in Amsterdam, zwanger. Ze zeurde by hem om rijles, om werk, om taalles. Voor haar was het gevecht om haar vrijheid geen wedstrijd, maar een veldslag. Zij heeft gewonnen. Van meer, Bachir gaf zich na vijftien jaar gewonnen. Zij maar werken, hij kookte en zorgde voor hun twee kinderen.

Nederlandse koningin en Marokkaanse koning

Van schoonmaakster bij het gemeentelijk schoonmaakbedrijf werd ze projectleider, opzichter, assistent-manager. Maar rayonmanager, dat lieten de leidinggevenden, allemaal mannen, haar niet worden. En daar was ze zo boos over dat ze ontslag nam en voor begon. Dat was in 1997.

Inmiddels heeft MAS Dienstverleners – van Multicultureel Amsterdams Schoonmaakbedrijf – vijfhonderd werknemers in dienst en 9 miljoen euro omzet. Haar naamsbekendheid – “netto Coca-Cola” – leverde haar klanten op en prijzen, in 1999 was ze ‘zwarte zakenvrouw’ van het jaar. Ze werd aan tafel door de Nederlandse Koningin en de Marokkaanse koning en vervulde bestuurszaken bij de Kamer van Koophandel en organisatie MKB-Nederland.

Zoals bij elk goed verhaal schuilt de kracht van het haas in de zwaktes die ze overwon. Haar ‘slechte’ eigenschappen benutte ze in haar voordeel. Ze vocht voor haar succes, en toen ze dat wat had, verloochende ze haar afkomst niet. “Ik ben Rahma”, zegt ze. Rahma de ongeschoolde ondernemer, de ongeduldige moeder, de ongehoorzame echtgenote, de ongebonden moslima en de onafhankelijke vrouw. Ze zit veel tegenover me aan tafel. Hoor haar als ondernemer wordt opwinden over de regeldruk van de overheid. “Ik was het met Pim Fortuyn lang niet altijd eens, maar waar ik het radicaal wél mee eens ben, is dat beperking van de ambtenarij heel wat kosten en gedoe bespaart.”

Ik moest ophouden mijn dochter te martelen

Bedrijven als het hare, zegt ze, cares voor duren en “geld in de belastingkas”. Is het haar taak om ongeschoolde werknemers op taalles te sturen? Nee, zegt ze. “Maar ik doe het wel.” Omdat ze niet weet hoe het is om geen woord English te spreken of verstaan.

Lees ook: Hoe Oumaima el Mouden zelf denktover de overname van haar moeders bedrijf

Als echtgenote heeft ze haar taking verwaarloosd, daar is ze eerlijk over. “Bachir werd een paar jaar verlengd. Ik ben nu niet vaker bij hem thuis zijn, het voelt niet meer fijn als ik er ‘s avonds niet ben. “Haar dochter Oumaima heeft haar afgelopen jaar a
Als directeur van MAS op uitgevoerdd. Ze kan niet zeggen dat dat soepeltjes is verlopen. “Ik had een coach, zij hadden een coach.” En wat leerden ze van die coaches? “Dat ik mijn dochter martelde. Van mij was ze koste wat kost op mij lijken. En dat vertikt ze. Ze zegt: ik ben Rahma niet. “

Voor het geval dat, heeft ze achterin de auto altijd een hoofddoek liggen. Haar cultuur is ze misschien ontgroeid, maar haar geloof koestert ze. “Het doet mij pijn te zien dat de koers verhardt.”

Ze herinnerde zich hoe aardig de mensen tegen haar waren toen zij net in Nederland was. Behulpzaam, geïnteresseerd in waar ze vandaan kwam. Maar nu? Nu moet ze nog maar zien van haar kleinkinderen, ze heeft er vier, veilig zijn. “Er is een stille oorlog gaande tegen de islam.” Ze voelt het elke dag, zegt ze. “Zo gevaarlijk.”

“Maar van je het wil horen van niet, Europa kan niet zonder migranten.” Maar, zeg ik, zelf ontvluchtte ze eind vorige eeuw toch ook de Bijlmer toen er meer en meer asielzoekers en migranten waren wonen, zij haalde haar kinderen toch ook van school toen die volledig zwart werd? “Nieuwkomers moeten de taal leren, werk zoeken, zich uit vrije wil aanpassen. Zeg ik dan iets verkeerds? “Het is haar taak niet hen te helpen integreren, zegt ze. “Dat is aan wie hen hier hier.”

Bondskanselier Angela Merkel, premier Theresa May zijn haar grote voorbeelden. Dat een onafhankelijke vrouw kan zijn, en ondernemer, moeder en echtgenote, in de Koran. De eerste vrouw van de Profeet, Lalla Khadija, zette met eigen geld een textielhandel op en gaf leiding aan mannen.

Rahma El Moudens verhaal zou minder mooi zijn als ze niet de meeste lof zou toekennen aan haar jongend moeder, naar wie ze is vernoemd. De moeder die haar weliswaar van school haalde, had haar voor straf liet soppen en reinigen, en die ze soms zo verfoeide. “Mijn kracht en doorzettingsvermogen heb ik van haar. Ik zie veel van haar in mezelf terug. Alleen maar zij zij veel minder ruzie. “

Lees Verder

Doodrijder 19-jarige Hilversumse: ik reed veel te hard, maar het was geen rac

Doodrijder 19-jarige Hilversumse: ik reed veel te hard, maar het was geen rac

Walter en Casper van W. bij een zitting van de rechtbank in LelystadANP

De vader en zoon uit Loosdrecht die zijn veroordeeld voor het doodrijden van de 19-jarige Fleur Balkestein uit Hilversum, nemen de volledige verantwoordelijkheid op zich. Dat meldtNH Nieuws. Walter en Casper van W. legden vandaag in Leeuwarden een emotionele verklaring af voor het gerechtshof. Eerder ontkenden zij dat ze te hard had gereden.

Op 16 maart 2016 reden beide mannen met een slok op in twee auto’s met hoge snelheid over de smalle Nieuw-Loosdrechtsedijk. Er werd een snelheid van wel 167 kilometer per uur gehaald. Volgens de rechter hielden ze een straatrace. De Porsche van de vader botste vol de auto van een vrouw, die van een oprit kwam. Ze overloopt twee weken later aan haar verwondingen.

Het was de eerste keer vader en zoon emotion toonden. “Het is mijn schuld dat mevrouw Balkestein is.” Ik wil mijn oprechte excuses aanbieden aan de familie. “Ik ben volledig verantwoordelijk voor een hoge snelheid en dronk op”, zei hij met gebroken stem. Wel benadrukte hij dat er geen sprake was van een straatrace.

Het is drie jaar na mijn lieve klein meisje werd gecremeerd. Je bent met alcohol op zijn gegaan en rijdt door machogedrag.

Vader Fleur Balkestein

De familie van Fleur Balkestein gelooft niet in de oprechtheid van de spijtbetuiging. “Ik wil er niet eens mijn achterste mee afvegen” Fleur zegt de vader van Fleur in de rechtszaal. Hij krokodillentranen voordoen de verdachten vermoedelijk krijgt strafvermindering te krijgen.

Voor zijn slachtofferverklaring had hij twee foto’s meegenomen. Een van zijn dochter bij een klimwand, een andere van haar in het ziekenhuis na het ongeluk. “Ik zou de verdachte willen geven om mijn kleine lieve meisje te zien.”

Celstraf en rijontzegging

De rechtbank veroordeelde Walter van W. tot vier jaar cel voor het doodrijden van de 19-jarige, waar vijf jaar was eergist. Zijn zoon kreeg een werkstraf van 100 uur, waar het Openbaar Ministerie (OM) drie jaar had gehad. De mannen zijn het Openbaar Ministerie vanberoep.

Voor het gerechtshof in Leeuwarden eiste het OM gevangenisstraffen van vier en één jaar tegen de 56-jarige vader en zijn 35-degen. Also seen the OM a Riftontzegging of five en drie jaar terecht.

Te hard gereden

Ook zoon Casper gaf een korte verklaring en zei dat hij niet voor zijn zal doen. “Ik heb te hard geraden op weg naar het huis van mijn vader.” Dat had niet gemogen, maar ik heb nog nooit gemogen.

Eerder publiceerde NH Nieuws al eenfilmpjewaarop te zien is dat vader en zoon, enkele jaren voor het fatale ongeluk, in een jolige bui op de A2 rijdend. Het OM achtte het filmpje niet relevant voor de zaak.

Lees Meer

Ik ben nu echt druk, chaotisch en eigenwijs

Ik ben nu echt druk, chaotisch en eigenwijs

Kiki Schippers komt het café binnen lopen en verontschuldigt zich ook. Ze heeft last van hoofdpijn, rugpijn en is moe. Af en toe is het te merken in het gesprek. Dan wacht ze met antwoorden en schudt ze haar hoofd: “Sorry, wat zei je?”

De cabaretière herstelt van een gebroken rug en een hersenschudding. Half oktober vloog ze op de A12 “vier van de vijf keer” over de kop. “Je moet wel eens een lol op de snelweg rijden met ertussen wil, omdat zijn baan zo zacht gaat? Dat gebeurde. Die man dacht: het kan wel. Ik dacht ook dat het kon. Maar het kon niet. Hij trok niet snel genoeg op. Ik ben uitwijken en kwam in de berm terecht. “

Foto Pleunie van Raak / Studio Daad

Ze laat een foto zien. Haar reed auto op de kop, het dak ingedeukt. Ramen aan stukken, cd’s en flyers op het gras, een gele regenjas verfomfaaid bij de banden. Het is een wonder dat ze levend uit het wrak is gekomen.

De première voor haar voorstellingWAARdie twee weken na het heilig stond gepland, werd verschoven. Het duurde een maand voordat ze weer honderd meter kon lopen. Met een rollator. Nu, zes maanden verder, gaat het laten goed. Ze kan alles weer, al ligt ze elke voorstelling voor ze moet en erna een kwartier plat in een donkere ruimte om prikkels buiten te sluiten. En ze heeft af en toe nog veel pijn. Dat merk je als publiek amper. De cabaretière zingt, zucht, fluistert, schreeuwt, gromt, springt en holt in volle overweldigd – zoals alleen Kiki Schippers dat kan.

Hoe is het emotioneel met je? Je hebt de dood in de ogen gekeken toch? Dat kan levensveranderend zijn.

Mompelend: “Ja tuurlijk, heb ik daar wel. Tuurlijk ik heb daar een soort … “Stilte.

“Nou kijk, ik heb wel bedacht, ik ga niet mijn leven omgooien. Ik had een leuk leven en wilde snel weer dat leven in. Ik had al mooie dingen gemaakt. Met terugwerkende kracht was het goed dat ik er zo’n vaart achter had gezet. Stel dat ik dood was gegaan, dan had ik het allemaal gedaan. Maar ik dacht, zo van, en dat zit ook in die voorstelling, ik moet misschien wel iets meer openstaan ​​voor anderen. Ofzo.”

Je was er na het ongeluk ook direct toe gedwongen.

“Ja. Ik had geen partner die thuis alles ging regelen. Ik lag plat op bed. Ik leunde op vrienden en familie. Dus ik was vragen: kun je me helpen? Dat gaat niet op mijn manier. Verschrikkelijk. Je moet met een miljoen keer opnieuw zeggen. Ik was blij dat ik kon douchen en slapen.

“Ik was trouwens al met dat thema bezig. Mijn voorstelling voor het verliezen ging over de vraag: kun je in verbinding staan ​​met iemand met wie je het niet eens bent? In hoeverre durf je je los te laten om contact te kunnen maken? Kan je iemands gedachtegoed afwijzen maar diegene zelf niet? Nietzsche zegt: als je gelukkig wilt zijn dan moet je geloven, als je voor de waarheid wilt gaan en moet moet offers brengen, ook sociaal. “

Waarom was jij die vragen?

“Vind je me een sociaal flexibel wendbaar persoon dan? Ik ga conflicten niet uit de weg. Meestal is het zo dat ik directe inventariseer wat de conflicten zijn met iemand. Daar moeten we dan snel over discussiëren, wil dan zijn de standpunten helder en dan kunnen we door. In die zin heb ik vaak meningsverschillen. Mensen vinden dat bedreigend. “

Ben je mensen geduldig?

“Tuurlijk. Niet dat ze dat vertellen vertellen. Meestal zijn ze het gewoon zat. “Ze lacht. “Dat is soms vervelend van vermoeiend. Ik ben twee jaar geleden gaan samenwonen. Ik twijfelde en zei: ‘Ik ben te veel voor jou.’ Hij zei: ‘Nee joh, dat vind ik niet.’ En na een halfjaar bleek ik te veel. Dat doet pijn. Zoek ik mensen om me heen met een sterk karakter. Bij minder sterke mensen komt er een dag dat ik over ze heen wals. Niet leuk, maar dat gebeurt. “

Ik zag jou op een filmpje nadat je bij Cameretten de publieksprijs en de persoonlijkheidsprijs had gewonnen. Ik dacht: het maakt je lekker geen zak uit.

“Dat is niet waar. Het is een gevecht. Ik ben chaotisch. Ik ben te laat, ik vergeet mijn gitaar als ik to an optreden moet, benodigd laat, of kom wel en dan wel dat ik die niet heb bevestigd. Laatst hebben. Ik heb een overbewustzijn ontwikkeld op: ik ben groot, impulsief, eigenwijs, meeslepend, druk en chaotisch. Ik probeer mezelf kleiner te maken, minder aanwezig, wil ik weet dat ik mensen kan afschrikken. “

Waar komt die eigenwijsheid vandaan?

“Mijn ouders zijn ook eigenwijs. Als we iets maatschappelijk bespraken dan de ene het ene en de andere het andere. Dat heeft me geschreven. Je wilt loyaal zijn aan allebei, maar dat gaat niet. Ik heb besloten dat er geen waarheid is. Dat je zelf moet blijven nadenken. Ik heb een lied geschreven met de titel ‘Er spoelen mensen aan’, maar retweet ookTelegraaf-verslaggever Wierd Duk als hij iets interessants zegt.

“Mijn ouders zijn gescheiden. Mijn moeder heeft eigenwijze mensen om zich heen verzameld, mijn vader heeft zich opgesloten in zijn eigen gelijk. Hij had geen contact meer met ons, zijn kinderen. Wij hadden een conflict over iets kleins en hij heeft toen het contact verbroken. Massa is hij hijgend alleen doodgegaan. Toen mijn vader overleed dacht ik wel: ‘Ik wil niet zo eindigen.’ Want het zit ook in mijn bloed om mij te sluiten. “

Hoe was zijn overlijden voor je?

Mompelend: “Ik was verslagen, verdrietig.”

Dit verhaal zit niet in je show.

“Het is niet zo dat ik er niet over wil praten. Maar ik wil niet dat je empathie met mij hebt om dit verhaal. Ik wil niet dat het een echt verhaal is, want het echt is gebeurd. Als iemand iets slechtelijks in zijn leven meemaakt, is hij niet per se een leuk mens.

“Het is een kaart die je speelt. In de try-outs heb ik het een bepaalde keer. Dan voel ik dat mensen me bijna kwalijk dat ik er niet over doorpraat. Maar ik wil geen slachtoffer zijn. “

Is die eigenheid op het podium een ​​probleem?

“Nee, dat is waar de enige plek waar ik het volledig kan gebruiken.”

Ik begrijp je dat je zelf maker bent ook eigenwijs bent.

Ze lacht. “Ik zie overal kansen en ideeën en ga daar voor. Ik had voor deze voorstelling het idee om te gitaren over elkaar teloopen. Je krijgt dan verschillende ritmes en een meerstemmig lied. Iedereen zei dat het niet werkte. Dat interesseerde me niet, wil ik geloofde erin. Pas bij het honderdste argument dacht ik: ‘Oké, oké, oké’.

Lees ook:Dit inspireerde de genomineerden voor de Annie MG Schmidtprijs

“Ik heb mezelf voorgenomen om een ​​betere conferencier te worden. Ik wil er vanaf dat mensen mij zien als die cabaretière met goede liedjes. Als je doet wat ik doe – ‘liedje, praatje, liedje’ – dan vergeven de mensen je dat je niet zo goed gebogen in de conferenties.

“De eerste tien try-outs had ik met mezelf afgehaald Ik moet praten en ik ben zingen. De eerste keer was dat na een kwartier. Na een paar pas na drie kwartier. Stond ik drie kwartier te ouwehoeren en te vertellen. Maar dat moet ook voor voorstellingen die ruk waren. Mijn impresariaat werd er zenuwachtig van. “

Je wilt meer openstaan ​​voor mensen, maar je klinkt stronteigenwijs.

“Het blijft een zoektocht. Ik voel me niet altijd thuis in een groep. Als iedereen zegt: zullen we daarheen gaan en ik heb geen zin, dan ga ik in discussie. Soms denk ik: dat moet je niet doen. En dan doe ik dat ook een tijdje niet, wil niet in verbinding staan ​​met anderen is zo eenzaam. Maar in de groep kan ik niet zijn wie ik ben. Mijn conclusie: er is geen middenweg. Het is schipperen. “

Kiki Schippers: ‘Waar’. Première: 19/4, Zaantheater, Zaandam. Tournee t / m 5/6. Info: kikischippers.nl

Correctie (18 april 2019): In een versie van dit artikel werd Wierd Duk omschreven als een journalist van de Telegraaf met extreem-rechtse standpunten.Dat was een toevoeging door de eindredactie die niet klopt.Hierboven is dat aangepast.

Lees Meer